Ethiek

Kerkverband

Nieuwe artikelen
Signalen



Aanmelden GRATIS nieuwsbrief

Naam:
E-mail:



printen

mailen

Eenheid (1)

 

N. van Dijk
16-11-13

 

Er gaan steeds meer stemmen op binnen de Gereformeerde Kerken (vrijgemaakt) en de Nederlands Gereformeerde Kerken om op korte termijn te herenigen.  Zo is er bij de Landelijke Vergadering van de NGK een voorstel ingediend voor hereniging met de GKV. De regio Amsterdam-Alkmaar vraagt de Nederlands-gereformeerden om de vrijgemaakt-gereformeerden uit te nodigen op 31 oktober 2016 ‘feestelijk en dankbaar te verklaren dat zij zich met ingang van die datum in een staat van hereniging bevinden’.

Ds. G. de Fijter hoopt dat de protestantse kerken in 2018 op een Nationale Synode durven te kiezen voor een federatief kerkmodel. En ook in de GKV gaan meer stemmen op voor een groter kerkverband. Zo stelt ook ds. Hans Slotman (predikant GKV Zwolle) de vraag of de zgn. kleine oecumene (CGK, NGK, GKV) niet te klein is. Hij schrijft dit n.a.v. het  vertrek van dr. Wilschut van de GKV naar de PKN. Wilschut schrijft in zijn verklaring: ‘Er is geen wijkplaats voor klassiek gereformeerde prediking en kerkelijk leven. Daarvoor is het kerkverband te klein’. Slotman signaleert dan dat dit ook geldt voor mensen die “meer evangelisch georiënteerd zijn. Of om nog meer te noemen: voor mensen die zich aangesproken voelen door de stilte van het klooster. Voor al die stromingen en verscheidenheid is het kerkverband van de GKV te klein”. Dit is voor Slotman een extra stimulans voor het streven naar kerkelijke eenheid, en zo vraagt hij zich af of ook de kleine oecumene niet te klein zal zijn, maar het “zou in elk geval een begin zijn!”  (ND 6 nov.)

 

Ook dr. P. de Vries (HHK) schrijft op zijn weblog een aantal artikelen over eenheid, n.a.v. de Nationale Synode die onlangs weer is gehouden. In één van zijn artikelen schrijft hij over welke eenheid de Nationale synode dan uitdraagt. Als voorbeeld noemt hij dan  dr . A. van de Beek, die hoofdspreker zou zijn bij deze synode, en die volgens de Vries nogal eens orthodoxer wordt geïnterpreteerd dan hij is. Dr. v.d. Beek twijfelt niet aan de Drie-eenheid en Godheid van Christus en erkent de opstanding als historisch feit.  Toch noemt de Vries hem allesbehalve klassiek orthodox. Van de Beek ontkent nadrukkelijk de Bijbel als het onfeilbare Woord van God en wijst de zondeval als historisch feit af.

 

“Heel ver gaand is zijn zienswijze dat God met de zending van Zijn Zoon naar deze wereld, verantwoordelijkheid neemt voor Zijn eigen falen als Schepper. Van de Beek wil er niet van weten dat aan het kruis plaatsvervangend de toorn van God over de zonde is weggedragen”.

 

In meer dan één opzicht vervaagt volgens de Vries in de theologie van v.d. Beek de grens tussen Schepper en schepsel. Ook heeft v.d. Beek geen moeite met de vrouw in het ambt en homoseksuele relaties. En zo worden elementen die tot de diepste kern van het christelijk geloof horen door hem ontkend. “De eenheid die de Nationale synode uitdraagt is dan ook niet bepaald een eenheid van het ware geloof en de bijbelse praktijk van de godzaligheid”.

 

Het doet verdriet dat we moesten horen dat dr. Wilschut afscheid neemt van de GKV en zich aansluit bij de PKN. Er is in de GKV geen wijkplaats meer voor klassiek gereformeerde prediking en kerkelijk leven. Die is er dan wel in de brede PKN. Al eerder schreef Wilschut in zijn brochure ‘Afscheiding? Over oproepen om zich van de GKv af te scheiden’. Hij uit zich daar zeer negatief over de kerken die zich afscheidden van de GKv omdat ze gereformeerd wilden blijven. Op pag. 19 van de brochure schrijft hij: “De huidige oproepen tot afscheiding zijn te typeren als eigentijdse varianten van dopers radicalisme/perfectionisme. Dit leidt tot eindeloze verdeeldheid, omdat men inderdaad op zoek is naar een ‘bruid-in-reincultuur’. “

Dr. Wilschut is veranderd in zijn denken over de kerk. Hij ziet geen heil in afscheiding en zoekt het in de breedte van de PKN. Prof. Douma, die sinds 2011 nauw met hem samenwerkte bij de website  gereformeerdekerkblijven.nl, begrijpt niet dat Wilschut vertrekt ‘naar een kerk waar nog meer aan de hand is dan de onze’, en noemt zijn veranderde denken over de kerk een duidelijke breuk met het verleden, met de bewegingen van Afscheiding en Doleantie. Het beroep van Wilschut op Calvijn vindt hij ‘echt te veel van het goede’.

 

En zo horen we van bezwaarde en niet bezwaarde kant van aansluiting en van roep om eenwording met de PKN. In de eenmalige uitgave ‘Dordt’, een magazine van de Stichting Nationale Synode zegt auteur en publicist Reinier Sonneveld het fantastisch te vinden als over een jaar of twintig de NGK en de GKV  bij de PKN inschuiven. En ook uit het interview met een aantal jonge theologiestudenten (o.a. HHK, GKV, PKN) valt het optimisme op over het denken over het samenkomen in één kerkverband.

 

Maar het zoeken naar de breedte van de kerk zal het evangelische geluid verzwakken. Zo was in het Reformatorisch Dagblad van 5 nov. een artikel te lezen van prof. dr. G. Dekker (emeritus hoogleraar godsdienstsociologie aan de VU).

Er lijkt volgens Dekker een breed draagvlak voor zowel de “kleine oecumene”, als voor de activiteiten rondom de gehouden Nationale Synode. Dekker vraagt zich af:

 

“Zou het waar zijn, zoals velen denken, dat als de bestaande kerken nu één zouden worden, het Evangelie in Nederland sterker zou klinken dan op het ogenblik het geval is? Ik denk dat eerder het tegendeel zich zal voordoen. Mijn stelling is dat de kans groot is dat het Evangelie nog minder dan nu gehoord zal worden wanneer kerken op korte termijn komen tot organisatorische eenheid. Zouden nu in de huidige situatie, waarin kerkleden onderling sterk van mening verschillen over het evangelisch geluid dat men in de samenleving kan laten horen, alle kerkleden één kerk vormen, dan zouden ze nauwelijks of geen evangelisch geluid –dus een geluid dat afwijkt van algemene opvattingen– meer kunnen laten horen. We hebben die ontwikkeling in de praktijk ook al gezien. De afzonderlijke kerken die nu de Protestantse Kerk in Nederland vormen, hebben vroeger wel openlijk hun visie over Israël, over homoseksualiteit of over het huwelijk laten horen. Nu zijn ze gedoemd tot zwijgen, omdat men over deze zaken –zoals iemand het onlangs op de synode uitdrukte– tot op het bot verdeeld is. Eenwording van alle kerken zal het Evangelie niet luider laten klinken. Integendeel: het zal in Nederland in dit opzicht nog stiller worden”.