Ethiek

In de pers

Signalen

geen berichten



 

 



Aanmelden GRATIS nieuwsbrief

Naam:
E-mail:



printen

mailen

Vrouwen op vrijgemaakte kansels 15

 

D.J. Bolt

15-11-14

 

'Vrouw in het ambt' (VIA) blijft de gemoederen beroeren. In het ND kregen vrijgemaakte deputaat-voorstanders van vrouwelijke ambtsdragers gelegenheid hun visie in een interview te promoten. In het dagblad was kennelijk geen ruimte voor een tegengeluid. Vandaar dat ds. A.H. Driest, redacteur van de Gereformeerde Kerkbode van het Noorden aan br. D.A.C. Slump, mededeputaat, vroeg om een reactie. We nemen het verhaal van br. Slump hier in zijn geheel over.
 


 

Gereformeerde Kerkbode Noorden 06/09/14

Dick Slump, de synode-deputaat met een ander standpunt aan het woord:

 

Alko Driest

 

In de kerkbode is uitvoerig aandacht besteed aan de besluitvorming op de synode rond het thema man/vrouw in de kerk. Het Nederlands Dagblad interviewde daarop een drietal depu­taten die dit onderwerp hadden voorbereid. Het betrof diegenen die nadrukkelijk voorstander waren van het openstellen van alle ambten voor vrouwen. De synode-deputaat die een ander standpunt had, kwam niet in beeld en dat was jammer. Vandaar dat ik hem het verzoek deed om een reactie te geven op het synodebesluit en op het interview in het ND. De tussenkopjes zijn door de redactie toegevoegd. AD

 


 

M/V IN DE KERK

 

Dick Slump

 

Het is al weer een tijd geleden dat de besluitvorming op de synode is afgerond en ik merk aan mezelf dat ik met gemengde gevoelens terug­kijk op de hele gang van zaken. Uiteraard ben ik blij met het feit dat de synode unaniem het rapport en de voorstellen van de meerderheid van deputaten heeft afgewezen. Het is een rapport dat niet overtuigt. De onderbouwing kan de conclusies niet dragen.

 

Mager

 

Ook ben ik op zichzelf blij dat de synode in haar besluiten uitdruk­kelijk heeft aangegeven dat bij het verder doordenken over de inzet van vrouwen in de kerk de bijbelse lijn die aangeeft dat er verschil in ver­antwoordelijkheid is tussen mannen en vrouwen, moet worden verdiscon­teerd. Het is wel jammer dat in de besluittekst uiteindelijk de verwij­zing naar concrete schriftgedeelten niet is opgenomen. Het is al met al wat mager.

 

Zwarte dame

 

De reacties op de besluiten bij degenen die in lijn met het meer­derheidsrapport ruimte voor de openstelling van de ambten voor vrouwen hebben bepleit, vond ik over het algemeen zuur. Het inter­view in het ND vormt daarop geen uitzondering. Een komische noot bij het interview was overigens de foto van de schaakpartij tussen Rob van

Houwelingen (met wit) en Harmke Vlieg. Een oplettende lezer wees mij er op dat de zwarte dame al in een vroeg stadium van de partij van het bord was geslagen.

 

Draagvlak

 

De afwijzing van het rapport bete­kent overigens niet dat de opvatting van de meerderheid op zichzelf geen draagvlak heeft. Zij vertolkt zonder enige twijfel een gevoel dat steeds breder in de kerken leeft: het wordt langzamerhand tijd alle taken in de kerk, inclusief het vervullen van de ambten van predikant, ouderling en diaken, open te stellen voor zusters in de gemeente. In de maatschappij wordt geen onderscheid meer ge­maakt tussen mannen en vrouwen sterker nog, dat is uitdrukkelijk in strijd met anti-discriminatiewetge­ving. We hebben als gereformeerden deze ontwikkeling feitelijk gewoon meegemaakt en ook in de kerken heb­ben vrouwen in de loop van de afgelo­pen jaren veel taken op zich genomen die vroeger als vanzelfsprekend door mannen werden verricht. We kun­nen nu niet meer uitleggen, niet aan onszelf, niet aan onze kinderen en niet aan 'buitenstaanders' dat op grond van het onderwijs in de bijbel de ambten in de gemeente niet voor vrouwen openstaan. De bespreking op de synode heeft laten zien dat deze opvatting bij een toenemend aantal predikanten en ouderlingen in de Gkv leeft.

 

Verantwoordelijkheden

 

Een probleem bij deze veranderende benadering van M/V in de kerk is natuurlijk wel dat de bijbel wel onderscheid maakt in verantwoorde­lijkheden. Alleen mannen worden als oudsten aangesteld. En vrouwen wordt bij gelegenheid het zwijgen opgelegd. Met name het onderwijs van Paulus in zijn brieven aan verschillende gemeenten en aan Timotheus heeft in de discussie over dit onderwerp altijd een belangrijke rol gespeeld. Over de exegese van deze brieven lijkt ook van­daag nog weinig verschil van mening te bestaan.

We hebben dan ook in het verleden de synodalen en hervormden in tamelijk scherpe bewoordingen aangesproken over de toelating van vrouwen tot het ambt van predikant en ouderling, om­dat zij daarmee het duidelijke onder­wijs in de bijbel negeren. De kern van de kritiek lag daarmee op het vlak van het Schriftgezag.

 

Schriftkritiek?

 

Tegen deze achtergrond is het begrij­pelijk dat de meerderheid van depu­taten er veel aan gelegen was dat hun pleidooi om ruimte te geven aan de toelating van de vrouw tot het ambt niet zou worden uitgelegd als schrift­kritiek. Bij de vrijgemaakten is het Schriftgezag immers veilig. Dat is het bestaansrecht van 'onze' kerken.

De synode heeft om die reden ook uit­drukkelijk uitgesproken dat de visie dat behalve mannen ook vrouwen in de kerkelijke ambten mogen dienen vrij bespreekbaar moet zijn zolang er vanuit de Schrift geargumenteerd wordt. Ik vind dat vanzelfsprekend. De synode had deputaten immers zelf de opdracht gegeven om over deze vraag na te denken en voorstellen te doen.

 

Poging

 

Er moest dus een verhaal komen om afstand te nemen van wat tot voor kort een gemeenschappelijk gedra­gen overtuiging was - dat het ambt is voorbehouden aan mannen -, maar dan zonder aantasting van de Schrift. Deputaten hebben een poging ge­daan om dat verhaal te schrijven. Die poging is niet geslaagd. Tegenstanders én voorstanders zijn het daarover eens. Dat verklaart de unanieme verwerping van de onderbouwing van hun voorstellen. Maar daarmee is het probleem niet van tafel.

 

Manco

 

Prof. Van Houwelingen zegt in het interview terecht dat het een manco van het meerderheidsrapport is dat het grotere verhaal over hoe we de Bijbel in deze tijd lezen en begrijpen daarin wordt gemist. Wat mij betreft wordt hiermee de kern van de discus­sie geraakt. Het is de zwakte, niet alleen van het rapport, maar ook van de bespre­king en de uiteindelijke besluitvorming op de synode. Het spreken op de synode en de besluitteksten werden in de loop van de beraadslagingen steeds bleker. Wellicht wat erg stellig, maar met enig recht constateert Rob van Houwelingen in het interview dat van de grote en afkeurende woorden uit de eerste bespreekronde uiteindelijk niets in de genomen besluiten is terechtgeko­men. Dat had ongetwijfeld ook veel te maken met pogingen om tegenstellin­gen te verkleinen en om elkaar vast te houden. Die pogingen bepaalden in toene­mende mate de sfeer in de bespreking. Niet onbegrijpelijk, maar het bevor­derde niet de duidelijkheid.

 

Afstand

 

Ik kan moeilijk anders dan vaststel­len dat in toenemende mate afstand wordt genomen van een manier van bijbellezen die onder ons gebruikelijk was en nog steeds is. Wekelijks kun­nen we vanaf de kansel horen dat het Woord van God gezaghebbend en actu­eel is, ook in onze cultuur. Het wordt de gemeente en de gemeenteleden voorgehouden in preken en tijdens huisbezoek. We hebben er blijkbaar moeite mee dat concreet overeind te houden als het gaat om gevoelige onderwerpen, waarbij een duidelijke spanning wordt gevoeld tussen de leer en de praktijk van het dagelijkse leven. De onderscheiden verantwoor­delijkheden van mannen en vrouwen in de gemeente is zo'n onderwerp.

 

Verschuiving

 

Als het gaat om het zoeken naar de wil van God op dit punt in onze concrete levenssituatie, lijkt er een verschuiving op te treden. Tot nu toe gingen we er van uit dat de woorden van Paulus over de verhouding M/V in de gemeente ook voor ons apos­tolisch gezag hebben en dus ook normatief zijn voor de inrichting van het gemeentelijk leven in de 20e en 21e eeuw in Nederland. Wij hadden te zoeken naar de concrete toepas­sing in onze tijd en in onze westerse geseculariseerde cultuur.

In het rapport en door een behoor­lijk aantal sprekers op de synode werd het accent gelegd op het feit dat Paulus in zijn éigen tijd en cul­tuur gesproken heeft zoals hij heeft gesproken, maar dat we zijn woorden niet zomaar concreet kunnen toepas­sen in een veranderde cultuur.

 

Geestelijk gesprek

 

Deputaten stellen in het interview dat een geestelijk gesprek nodig is om de wil van de Heer voor onze situ­atie te ontdekken, en dat de Heilige Geest dit proces zal gebruiken om helderheid te krijgen. Dat geestelijk gesprek is er niet geweest tijdens de hele gang van zaken, zo is de teneur van het interview, en dat leidde tot de voor deputaten teleurstellende afwijzing van het rapport.

Dit lijkt me een onjuiste voorstelling van zaken. Ik denk dat er niemand is die de waarde van een goed geestelijk gesprek, waarbij we als broeders én zusters zoeken naar de wil van God in ons dagelijks leven, zal ontkennen. Ik ben er van overtuigd dat dergelijke gesprekken veel meer plaatsvinden dan wordt gesuggereerd. De vraag is echter waar je je in een dergelijk gesprek op oriënteert. Wat is de norm voor het verstaan van de wil van God? Hoe werkt de Heilige Geest?

 

Kloof

 

Hier ligt volgens mij de bron van de toenemende kloof die zichtbaar werd in de afgelopen periode. De Geest werkt door en met het Woord, zo hebben we altijd geleerd. De uitkomst van het gesprek kan dan ook pas als werk van de Geest gety­peerd worden, als deze in lijn is met Gods Woord. We moeten ons bewust zijn van het gevaar de door ons gewenste ontwikkeling te vereenzelvi­gen met werk van de Geest.

Ik heb grote moeite met de sugges­tie dat alleen voorstanders van de openstelling van de ambten voor de vrouw degenen zijn die het inhoude­lijk geestelijke gesprek willen voeren en dat zij daarmee ruimte geven voor het werk van de Geest in de kerk. Te­genstanders zouden een dergelijk ge­sprek niet willen aangaan, omdat ze zouden worden beheerst door angst, conservatisme, fundamentalisme of biblicisme.

 

Donderslag

 

Hans Schaeffer zegt terecht in het in­terview dat het meerderheidsrapport als een bom is ingeslagen. Maar als hij er vervolgens aan toevoegt dat je bij de tegenstanders een pavlovreac­tie zag: ze riepen, zonder het onder­linge gesprek te voeren, dat het gezag

van de Bijbel in het geding was, dan haak ik af. Je kunt je niet afmaken van de tegenstanders (of van degenen die zich best willen laten overtuigen, maar wel op schriftuurlijke gronden) met het plakken van etiketten.

Met het rapport wordt - inderdaad als een donderslag bij heldere hemel - een wijziging in het omgaan met de Schrift bepleit zonder een concrete verant­woording ten opzichte van het verle­den. Het bijpassende hermeneutische verhaal ontbrak, of overtuigde niet.

 

Verantwoording

 

Het moet dan ook geen verbazing wekken als de synode een groot aantal inhoudelijke vragen stelt aan deputa­ten. In de beantwoording van de vele vragen lag een uitstekende mogelijk­heid voor deputaten om zich nader te verantwoorden, ook in verbondenheid met de uitspraken van de kerken in het verleden. Blijkens het interview vond de meerderheid van deputaten echter dat het beantwoorden van deze vragen niet past bij een geestelijk gesprek zoals zij zich dat voorstellen en bij de rol die zij daarin kennelijk voor zichzelf weggelegd zagen. Ik meen dat zij daarmee geen recht doen aan de verhouding tussen synode en deputaten en hun eigen rol overschatten. Het past deputaten niet om de regie te voeren. Het is hun taak om aan de synode (= de kerken) rekenschap te geven van de hen door de vorige synode (= de kerken) gegeven opdracht.

Ik vraag me oprecht af of de wijze waarop de beantwoording van de vragen heeft plaatsgevonden door de (leden van de) synode juist niet is opgevat als het ontwijken van een inhoudelijk gesprek!

 

Tenenkrommend

 

Ik vind het jammer en eigenlijk ook niet verantwoord dat mijn medede­putaat Harmke Vlieg in het interview zegt dat sommige afgevaardigden op de synode over vrouwen soms tenenkrommende dingen zeiden, hoe onschuldig ook bedoeld. Mijn vrouw (die de discussie op de synode twee volle dagen heeft bijgewoond) en ik hebben ons oprecht afgevraagd waar Harmke op doelt. Het zou haar heb­ben gesierd daarvan op z'n minst een voorbeeld te geven.

 

Ervaringen

 

Ik begrijp heel goed dat vanuit eigen besef van gaven - wat niet hetzelfde is als roeping - het gesloten houden van de ambten bij een toenemend aantal vrouwen een gevoel van teleurstelling, frustratie of zelfs dis­kwalificatie kan opleveren. Maar er wordt m.i. veel te snel de conclusie getrokken dat niet naar de ervaring van vrouwen is geluisterd.

De objectieve luisteraar en lezer zal het niet zijn ontgaan dat op de synode door veel (mannelijke!) afgevaardigden aandacht is gevraagd voor de positie en ervaring van vrouwen en dat in het Nederlands Dagblad en De Reforma­tie ervaringen van vrouwen bepaald niet onderbelicht zijn gebleven. Punt in geding is echter wat het beroep op deze ervaringen betekent in de vragen rond vrouwen ambt. Het is ook niet terecht om de discussie over de ver­houding van m/v in de kerken te zien als de oude strijd tussen mannen en vrouwen om de macht. Het verschil in opvatting binnen de kerken valt ook niet samen met het verschil tussen mannen en vrouwen.

 

Schriftverstaan

 

Naar mijn overtuiging zit het ver­schil echt in het Schriftverstaan. En daarbij loopt de scheidslijn niet tus­sen mannen en vrouwen. Ik wil op grond van de Schriften vasthouden aan het gegeven dat in het onderwijs van Paulus aan de mannen in de kerk verantwoor­delijkheden zijn gegeven die aan vrouwen worden onthouden. Ik zie geen goede motivering om die lijn in de bijbel niet meer richtinggevend te achten voor onze tijd, ook al gaat dat wellicht tegen de cultuur in. De bespreking binnen het deputaat­schap en op de synode hebben mij allesbehalve de overtuiging gegeven dat deze lijn moet worden verlaten. Binnen dit kader is er alle ruimte om na te denken over taken van mannen en vrouwen in de kerk en over de vraag of onze huidige ambts­structuur daarvoor wellicht aanpas­sing behoeft. Ik heb in mijn 'Verant­woording' in dit verband gewezen op de manier waarop dat in de Christelijke Gereformeerde kerken is gebeurd.

 

Niet verstandig

 

Beslissend is en blijft voor mij dus het Schriftverstaan. Zolang 'het grotere verhaal over hoe we de Bijbel in deze tijd lezen en begrijpen' niet overtuigend wordt verteld, lijkt het me onverstandig afstand te nemen van de wereldwijd in de christelijke kerken breed gedragen opvatting dat de bijbel grenzen stelt aan de moge­lijkheid voor vrouwen om bepaalde ambten te bekleden.

Dat heeft niets te maken met diskwa­lificatie van vrouwen. De waardering voor de vele taken die zij in de kerken verrichten blijft onverkort.

 

Jammer

 

Wat de uiteindelijke besluitvorming betreft vind ik het jammer dat niets is gedaan met de uitnodiging van ds. van 't Spijker, sprekend namens onze zusterkerk in Nederland, de CGK, om gezamenlijk na te denken over de verhouding M/V in de kerk. Daar­naast vraag ik me, met anderen af, af hoe de besluiten over de verhouding met de NGK zich verdragen met de besluiten over M/V in de kerk. De spanning tussen beide besluiten zal

toch iedereen aanvoelen.