Ethiek

In de pers

Signalen

geen berichten



 

 



Aanmelden GRATIS nieuwsbrief

Naam:
E-mail:



printen

mailen

Signalen 28

 

R. Sollie-Sleijster

16-04-16

 

Aanloopkosten GTU 2,6 miljoen euro

RD 09/04/16

 

De Gereformeerde Theologische Universiteit (GTU) zal volgens een voorlopig rapport van de GTU-regiegroep bij vestiging in Utrecht 2,6 miljoen euro aan aanloopkosten kwijt zijn. Deze kosten zullen uit de opbrengst van de panden van de TUK (Kampen) en de TUA (Apeldoorn) moeten worden betaald. Ook zullen 9 van de 49 voltijdsbanen verdwijnen.

De afdracht voor de predikantenopleiding zal voor de CGK en de NGK omhoog gaan. Zij betalen momenteel resp. 7,95 en 7,63 euro per lid. Voor de GKv is dit 14,31 per lid.

Tevens verwacht de regiegroep dat het huidige aantal van zo'n 250 studenten na de samenvoeging met zo'n 10 procent zal stijgen.

Hoewel de regiegroep voor Utrecht opteert, gaan docenten en studenten nog een inspraakfase in. Kampen als vestigingsplaats heeft voordelen: flink minder aanloopkosten en een 'intiemere gemeenschap dan een grote universiteitsstad” (prof.dr. G. Harinck). Het definitieve rapport wordt eind juni verwacht.

In de preambule bij de concept-statuten van de GTU bindt de instelling zich aan Schrift en belijdenis. De ruimte zit in de constatering dat mensen bij het Bijbellezen zichzelf meenemen, met hun eigen denkkaders en culturele vooronderstellingen. De boodschap van de Bijbel landt in onze cultuur. De Schrift zelf heeft wel steeds het laatste woord.

 

Toenadering theologische universiteiten

ND 09/04/16

 

De GTU gaat samenwerken met de Protestantse Theologische Universiteit (PThU – verbonden aan de PKN). Deze samenwerking is nieuw en dient om van elkaars expertise en kwaliteiten te profiteren. Gedacht kan worden aan uitwisseling van docenten, het toegankelijk maken van elkaars masteropleidingen en de mogelijkheid over en weer colleges te volgen.

De eis van de Gereformeerde Bond (GB) tot samenwerking met de PThU is bedoeld om een bijdrage te leveren aan versterking van de gereformeerde theologie in Nederland. De GB zal ook gaan lesgeven aan de GTU. De CGK synode gaf als voorwaarde voor instemming dat een substantiële bijdrage zou komen van de GB en/of van de Hersteld Hervormde Kerk (HHK). Deze 'bonders' moeten tegenwicht vormen voor de neo-calvinistische vrijgemaakte en Nederlands gereformeerden.

 

Geert Harmanny, voorzitter van de universiteitsraad van de TUK laakt het feit dat Gert van Dijk (regiegroep) al voor de inspraakfase is ingegaan, bekend maakt dat de GTU vrijwel zeker naar Utrecht komt. Zo kun je daar niet over spreken. En ook Alexander Bosma van studentenvereniging FQI stelt dat Utrecht wel mogelijkheden biedt, maar dat Kampen ook goed is, want 'we willen de universiteitsgemeenschap die iets van een klooster heeft, behouden'.

 

Over de identiteit van de GTU lezen we onder de kop:

 

Vorming universiteit kost arbeidsplaatsen

ND 09/04/16

 

'Gereformeerde theologie en spiritualiteit zal beoefend worden in hartelijke verbondenheid aan het gereformeerd belijden tot de Heilige Schrift', zo staat in de grondslag van de toekomstige GTU.

De CGK had om een omschrijving gevraagd. Zij willen een striktere manier van Bijbellezen en -uitleg dan de vrijgemaakten. Die zien over het algemeen liefst meer ruimte.

Als eerste lezen we in de preambule dat 'de Bijbel het door mensen geschreven Woord van God is, dat van zichzelf getuigt dat zij gezag heeft. Wij aanvaarden de Schriften voordat wij hen beschouwen en laten onze vragen niet alleen door het Woord beantwoorden maar ook corrigeren, en ons oordelen en denken sturen.'

De lijn schepping, zondeval, verlossing en voleinding is 'onomkeerbaar' en 'als heilshistorisch perspectief onmisbaar voor de uitleg van de Bijbeltekst'.

Ruimte zit in de constatering dat mensen bij het Bijbellezen zichzelf meenemen, met eigen denkkaders en culturele vooronderstellingen. De boodschap van de Bijbel landt in onze cultuur. Maar: 'De Schrift zelf heeft wel steeds het laatste woord'.

Tenslotte: 'Christus is het hart van de Schriften, het draait om Hem. De gereformeerde theologie beluistert de Schriften tot op Christus, stelt en beantwoordt zó alle vragen, in elke eeuw in wisselende contexten opnieuw'.

 

kort commentaar

De regiegroep vindt de plannen voor een GTU haalbaar en realistisch. Maar de meeste panden van de Protestantse Theologische Universiteit (voorheen synodale TU) staan sinds 2012 leeg en zijn nog steeds onverkocht. Een eventuele verkoop van de panden van de TUK kan eveneens tegenvallen of niet lukken.

Wat meer zorgen baart is de ruimte die bij voorbaat wordt gereserveerd voor nieuwe hermeneutische inzichten. Zo wordt gezegd: “De boodschap van de Bijbel landt in onze cultuur” en “Wij nemen onze eigen denkkaders en culturele vooronderstellingen mee bij het Bijbellezen.”

Om daaraan toe te voegen dat de Schrift zelf wel steeds het laatste woord heeft. Maar wat zegt dat als docenten TUK de vrijheid nemen en krijgen af te wijken van dat Bijbelse woord? Zij kunnen rustig zeggen: het staat er wel, maar is niet zo gebeurd. Of: dat gold toen maar geldt niet voor vandaag. Heeft en krijgt dan de mens niet het laatste woord? Ook bij de op te richten GTU?

Wordt het gezag van de Bijbel ondergeschikt gemaakt aan de eigentijdse ideeën van mensen? Zie de volgende signalen!
 


 

Gereformeerd 2.0

Column ND 09/04/16

 

Hoogleraar Ethiek en Spiritualiteit aan de TUK, Ad de Bruijne, vindt dat we een bijzondere toenadering beleven. Een toenadering tussen gereformeerde en wat minder gereformeerde kerkgemeenschappen. De kerkmuren worden lager en parallel daarmee zien we ook een verschuiving naar een andere manier van gereformeerd-zijn.

Op zijn reis naar Amerika kwam De Bruijne tot het inzicht dat er 'twee soorten gereformeerden' zijn. Zij die het willen houden bij de Nederlandse Geloofsbelijdenis of bij de Westminster Confessie en geen afwijkingen tolereren. De Bruijne herkende deze manier van gereformeerd zijn, het kwam overeen met zijn eigen vrijgemaakte kerk van vroeger. Zij 'oordelen vaak snoeihard' over de tweede soort gereformeerden en dat voelde bij hem vertrouwd.

 

Met de tweede categorie gereformeerden voelde De Bruijne meer affiniteit. Zij waren minder confessioneel, meer 'evangelisch-gereformeerd of open-orthodox'. Zij benaderen gereformeerd als een verhaal dat nog niet afgelopen is. Het verhaal begon met de belijdenisgeschriften van de Reformatie, maar dat verhaal is nog niet afgelopen: “De Reformatie vormde slechts een fase in de kerkgeschiedenis en haar producten weerspiegelen onherroepelijk de beperkingen van hun tijd.” Zo ontstaat ruimte voor kritiek en alternatieve visies. Onze tekorten en eenzijdigheden kunnen we zo erkennen en elementen uit andere tradities honoreren, zo meent de hoogleraar.

 

Fel conflict

De Bruijne wijst op de zestiger jaren, de jaren dat de Nederlands Gereformeerden (NGK) zich in deze richting bewogen. Het felle conflict ontstond volgens hem, omdat de vrijgemaakten nog “van de eerste soort” waren.

 

“Zij betrokken de wacht bij punten uit de belijdenisgeschriften waarvan sommigen min of meer afweken. En de suggestie in een Open Brief dat de gereformeerde belijdenisgeschriften misschien niet 'samenvallen' met het fundament van de algemene christelijke kerk, beantwoordden zij met schorsingen.”

 

De hoogleraar geeft toe dat de huidige toenadering niet komt doordat de NGK veranderd zijn, maar

 

“doordat ook de andere gereformeerden in hun richting gingen bewegen. Vandaag klinken bijvoorbeeld in de vrijgemaakte kerken opvattingen over rechtvaardiging en heiliging, de plaats van de wet, of het karakter van God die niet echt soepel passen bij de belijdenis.” “Nu wij contextueel en cultureel gevoelig zijn geworden, ervaren veel gereformeerden de suggestie uit die Open Brief als eigenlijk behoorlijk ter zake.”

 

En:

 

“Massieve zekerheden maken plaats voor het besef dat veel geloofsinzichten beperkt en voorlopig blijven.”

 

Alles bewijst volgens De Bruijne dat wij inmiddels op weg zijn naar die tweede manier van gereformeerd-zijn. Vindt hij dat erg? Nee, maar “we moeten ons deze verschuiving wel meer bewust worden en niet naïef alleen maar laten gebeuren. Willen wij op weg naar 'gereformeerd 2.0?” zo is zijn afsluitende vraag.

 

Kort commentaar

Zo duidelijk hadden we de positiekeuze van de hoogleraar nog niet gelezen, al wezen zijn publicaties en uitlatingen al lange tijd in deze richting. Het maakt verdrietig. Is zijn eigen oordeel niet 'snoeihard', juist door de suggestieve vertekening van de feiten? We zien geen omkeer bij De Bruijne, ondanks veel heldere en liefdevolle waarschuwingen uit binnen- en buitenland. De docent loopt door op zijn eigen ingeslagen weg, een weg die steeds breder wordt. Maar de vraag is: waarheen leidt die weg en wie willen hem op die weg volgen?

Een weg waar de belijdenis niet meer het onopgeefbare akkoord van kerkelijke gemeenschap is, maar een eigentijds en veranderlijk document. Niet meer een belijdenis van de zuivere leer die vaststaat de eeuwen door, omdat zij gegrond is op Gods vaste Woord.

De GB en CGK kunnen gewaarschuwd zijn voor wat betreft de samenwerking binnen de geplande GTU. Cultuur en context krijgen een ereplaats en het woord 'antithese' wordt niet meer verstaan.

 

Het Adres van Molenaar uit 1827 als spiegel voor de GKv van nu

Weblog Gerrit Veldman – 09/04/16


“Verbazend actueel”

 

Hoewel Gerrit Veldman, historicus, zelf nog lid is van de GKv, heeft hij een scherp oog voor de opmerkelijke veranderingen binnen dit kerkverband. Hij bemerkt dat die veranderingen zijn te vergelijken met de ontwikkelingen binnen de hervormde kerk (nu PKN) zoals die plaats vonden voor de Afscheiding van 1834. 'Verbazend actueel' noemt Veldman het 'Adres van Molenaar' (thans digitaal beschikbaar). Veldman ziet duidelijke overeenkomsten tussen wat ds. Molenaar schrijft over de Hervormde kerk toen en wat hij nu in de GKv ziet. Welke zijn dat?

 

Allereerst de verwarring en onenigheid.

Veel mensen weten niet meer wat ze geloven en onderling is men het niet eens over wat men gelooft. Daarbij komt een weerzin tegen handhaving van de belijdenis en de kerkorde. Je proeft dat in de GKv vandaag eveneens. Maar wat zijn de oorzaken van die verwarring en zucht naar vrijheid? Volgens Molenaar het idee van de vooruitgang. Men maakt grote vorderingen in de wetenschap, dus waarom ook niet in de theologie. Nee, zegt Molenaar de geloofsleer is voor eeuwig dezelfde. Hoogstens op details is betere uitleg mogelijk. Als het meer wordt, dan zijn het geen vorderingen meer, maar 'menselijke machtspreuken'. M.a.w. dan wordt het gezag van de Bijbel ondergeschikt gemaakt aan de moderne ideeën van mensen. Gebeurt hetzelfde niet in de GKv vandaag?”, zo vraagt Veldman.

 

Vervolgens noemt Molenaar de algemene hang naar verdraagzaamheid. Verschillen willen we niet meer. Samen tegenover de roomsen. Maar tegenwoordig gaat de GKv verder. Niet alleen officieel toenadering tot de PKN met haar gelegitimeerde vrijzinnigheid, maar ook zien veel mensen binnen de GKv niet meer wat nu eigenlijk de verschillen met de roomse kerk zijn.

Molenaar wijst op twee gevolgen hiervan. Het leidt tot onverschilligheid en onwetendheid.

Als verschillen niet meer tellen, word je onverschillig over wat je gelooft. Je verdiept je er niet meer in en je weet dan ook niet meer waar het over gaat. Die onwetendheid zag Molenaar bij kerkleden, predikanten en studenten. Men kende de gereformeerde leer niet meer. Die werd niet meer gepredikt en op catechisatie onderwezen. En ook niet meer gedoceerd op de theologische opleidingen.

Veldman vraagt hoeveel kerkleden de gereformeerde leer nog kennen en of die nog wordt onderwezen (onregelmatige catechismusprediking). En of onze studenten in Kampen (TUK) nog gezond gereformeerd onderwijs ontvangen, of dat daar inmiddels sterk evangelische en zelfs vrijzinnige opvattingen het onderwijs stempelen.

 

Molenaar wijst bovendien op het Algemeen Reglement van 1816. Drie bezwaren noemt hij:

  • Met dat Reglement is een hiërarchische kerkregering ingevoerd, zodat enkele 'raddraaiers' nog beter hun vernieuwingen kunnen doorvoeren.
  • De liturgische formulieren voor bijv. doop en avondmaal raken in onbruik of men gaat er vrij mee om.
  • Door het nieuwe ondertekeningsformulier is de binding aan de belijdenis op losse schroeven komen te staan.

Veldman constateert eenzelfde tendens ook in de GKv vandaag: De nieuwe kerkorde is veel hiërarchischer van opzet dan gezond gereformeerd is.

Het nieuwe bindingsformulier heeft de binding aan de belijdenis een stuk losser gemaakt.

En ook de liturgische formulieren zijn niet meer vanzelfsprekend.

 

Wat Veldman het meest trof is de ingehouden emotie bij Molenaar. Molenaar blijft beleefd, maar je proeft zijn diepe frustratie. 'Oneerlijk' noemt hij de gang van zaken in zijn kerk. Hij heeft het over 'raddraaiers', 'heimelijke listen' en 'jezuïetenstreken'. Hij heeft het idee dat haast stiekem allerlei veranderingen worden doorgevoerd, zonder daar ronduit voor uit te komen.

Herkenbaar noemt Veldman dit, want ook in de GKv gaan allerlei principiële zaken op de schop, zonder dat te erkennen. Ook daar worden bezwaren niet serieus genomen. Men ontkent dat het om principiële dingen gaat. Misschien ziet men echt niet dat er belangrijke bakens worden verzet, maar hoe kan men zó blind zijn? Soms heeft Veldman het gevoel dat ook in de GKv van alles doorgedrukt wordt in de hoop zo min mogelijk slapende honden wakker te maken.

 

Molenaar wijst op de link tussen de veranderingen en een verflauwing in het kerkelijk leven. De vernieuwers snappen dat niet, maar ze veroorzaken die verflauwing juist zelf, want de nieuwe manier van preken biedt inhoudelijk niets om haar tegen te gaan. Er wordt niet meer gesproken over de dingen die er toe doen. Deze preken stoten de rechtzinnige kerkgangers af, terwijl dat juist de trouwste kerkleden zijn.

Idem in de GKv vandaag: de preken en alles er omheen bieden steeds minder geestelijk voedsel. Zij die daar blij mee zijn, zijn vaak de mensen die nog maar één keer per zondag naar de kerk gaan. Wie trouw elke dienst bezoekt, zit vaak met kromme tenen in de kerk en gaat met een onverzadigd gevoel naar huis. Op zoek naar geestelijke voeding elders? En hoe lang moet je nog trouw blijven aan je eigen kerk? Moeilijke vragen, zo denkt Veldman.

 

Zeven jaar na het Adres kwam de Afscheiding. Veldman hoopt dat dit Adres van Molenaar sommige GKv'ers nog een spiegel voor kan houden. En al wil men in de GKv nog zo graag modern zijn, er is toch echt niets nieuws onder de zon, zo sluit hij deze ernstig waarschuwende blog af.

 

Kort commentaar

Moeilijke vragen inderdaad, of toch niet? Hoe lang kan Veldman en met hem vele anderen dit spoor nog verdragen en meelopen voor het tot daden komt? Meelopen op weg naar 'gereformeerd 2.0' à la De Bruijne?