Ethiek

In de pers

Signalen

Drie berichten
 

DOOR EEN TECHNISCHE STORING
KON ER DE AFGELOPEN WEEK GEEN NIEUWSBRIEF VERZONDEN. DAT VINDEN WE HEEL VERVELEND.
WEL KONDEN ALLE ARTIKELEN WORDEN GEPUBLICEERD.
WE WERKEN ER HARD AAN HET PROBLEEM TE VERHELPEN.


25-01-19 Informatieavond Zuidhorn
Spreker: dr. P. Boonstra, GKv Bussum-Huizen
Kerkgebouw: De Rank, Westergast 8, Zuidhorn
20.00 uur
Organisatie GKN Studiegroep Midden-Nederland

29-03-19 Informatieavond Zuidhorn
Spreker: J.J. van der Tol, GKv Blije-Holwerd
Kerkgebouw: De Rank, Westergast 8, Zuidhorn
20.00 uur
Organisatie GKN Studiegroep Midden-Nederland


 

 

 



Aanmelden GRATIS nieuwsbrief

Naam:
E-mail:



printen

mailen

Signalen 35

 

R. Sollie-Sleijster

01-10-2016

 

Apart belijdenis doen

Nader Bekeken – september 2016

 

Ds. Kees van Dijk gaat in zijn kroniek in op het belijdenis van hun geloof doen door een behoorlijk aantal jonge mannen van de GKv-kerk van Zwolle-West. Dat deden deze broeders niet in de kerk van Zwolle-West, maar in de tuin van een gemeentelid. Ds. Hans Slotman van Zwolle-West licht toe dat deze jongeren in de GKv zijn opgegroeid, daar (nog) lid zijn, maar naar eigen zeggen weinig met de gemeente hebben. Zij vormen al jaren een soort huiskamergroep, waar ze veel met elkaar kunnen delen.

 

Maar ds. Van Dijk stelt hier vragen bij. Kan zo'n groep wel de plaats van de gemeente innemen? Hoe zit het met de woordverkondiging en sacramentsbediening? En hoe met de hulp en steun aan leden van de gemeente die niet tot deze groep behoren? En wat betekent de gemeente voor hen? En hoe voelt deze belijdenisdienst, met aanwezige ouderlingen en predikant, voor de broeders en zusters van de grote Fonteinkerk van Zwolle-West, een gemeente van zo'n 1850 leden, waarvan de helft onder de 25 jaar is? Hoe komt het op hen over dat deze jongeren kennelijk niet zo veel met hen hebben? Samen ervoor danken, maar we mochten het niet meemaken, hoe voelt dat? Willen deze broeders nu wel of niet bij deze gemeente horen?

 

De jongeren beloofden o.a.: “...dienstbaar te zijn aan de gemeente, trouw met haar naar het woord te luisteren en het avondmaal te gebruiken.” Ds. Van Dijk begrijpt echter dat zij de gewoonte van geregelde kerkgang niet kennen of die verdeeld over verschillende gemeenten beleven. Ds. Slotman berust er in en stelt dat we in het tijdperk van authenticiteit leven, waarin het individu zoekt wat hij bij hem past en daar ontkomen we als kerken volgens hem niet aan. Hij wil de jongeren een 'vloeibare' kerk aanbieden, te vergelijken met het ouderlijk huis, waar de gezinsleden in en uit kunnen vliegen, naar believen (zie zijn artikel in Dienst, ambtsdragersblad GKv, zomer 2016, jrg. 64, nr. 2). Je bent welkom, maar je krijgt ook ruimte om weer weg te gaan...

 

Ook hierbij stelt ds. Van Dijk zijn vragen. Is dat het beeld van de kerk, een duiventil? Een huis waar je de vrijheid hebt om te zeggen dat je met de anderen niets hebt? Of moeten we dit levensgevoel van vandaag onder kritiek stellen? Bij je familie hoor je, daar heb je niet zelf voor gekozen. Maar de kerk is iets dat groter is dan wijzelf en onze zelfgevormde groepen. De kerk is meer gekozen zijn dan kiezen. In de kerk gaat het niet om een vereniging met rechten en plichten, maar om een groep mensen die door Christus bij elkaar gebracht en uitgekozen zijn. Mensen die daarom met vallen en opstaan kiezen voor elkaar, die de kenmerken van een volk willen dragen.

Ds. Van Dijk sluit af met de oproep: Jongelui, breng alsjeblieft het mooie van de huiskamergroep meer naar de kerk. We kunnen jullie niet missen. Heus, de kerk is veel gaver met elkaar.

 

Kort commentaar

Vast en zeker is de kerk veel gaver met elkaar, met heel Gods volk, oud en jong. Maar dan wel een kerk waar Gods Woord geëerbiedigd en gehoorzaamd wordt (zie op deze site o.a. de artikelen Sola Scriptura van ds. M. Retief). Een kerk waar trouw de kerkdiensten worden bezocht, het Woord in zijn volle kracht wordt gepreekt en waar naar dat Woord geleefd wil worden.

 

Ikabod?

Dr. W. Bredenhof – Yinkahdinay 23/09/16

 

Ds. Wes Bredenhof haalt in zijn blog aan hoe de vrouw van Pinehas (zoon van Eli – zie 1 Samuel 4), bij haar sterven hun pasgeboren zoontje de naam Ikabod geeft. Want, zegt zij: Weg is de eer uit Israël, de ark is immers weggevoerd.

Ds. Bredenhof vervolgt: Is zo de eer weggevoerd uit de vrijgemaakte kerken in Nederland nu daar de kerk van Utrecht Noord-West besloten heeft tot het metterdaad bevestigen van vrouwelijke ouderlingen en diakenen?

 

Dit handelen gaat duidelijk in tegen het bijbelse onderricht van bijv. 1 Tim. 3. Ook tegen artikel 30 NGB. Het geeft een slag in het gezicht van zusterkerken in Canada, Australië en de Ver. Staten van Noord-Amerika. Bovendien brengt het het lidmaatschap van de ICRC (Internationale Conferentie van Gereformeerde Kerken) in gevaar.

Vandaar de vraag: Is dit het Ikabod-moment voor de GKv in Nederland? Is de eer weg uit deze kerken? Is dit de laatste fase, waarin zij het recht opgeven om als een kerkverband van trouwe en ware kerken van Jezus Christus erkend te worden?

 

De spelen zijn een heidens, afgodisch spektakel

ND – 01/09/16

 

Martien Stam wijst ons op de olympische vlam die tijdens de antieke Spelen op het altaar van Zeus brandde. Ook in 2004, de eerste keer dat de Griekse goden weer aan bod kwamen, werd een lied gezongen ter verheerlijking van de god Zeus, deze 'oppergod', aan wie zelfs mensenoffers werden gebracht in de grote tempel van Pergamum.

In 2014 werd de fakkel ontstoken op de berg Kronos, genoemd naar de vader van Zeus. De priesteres zong daarbij: 'Apollo, god van de zon en het licht, zend uw stralen en ontsteek de heilige fakkel voor de stad Athene.' Een gebed aan een afgod!

Die fakkel wordt sindsdien door alle landen gedragen: het vuur van Zeus verlicht de wereld.

Terzijde: deze fakkel werd door Adolf Hitler in 1936 bij de spelen in Berlijn weer ingevoerd!

 

In Deuteronomium 12 en 13 wordt beschreven hoe onze houding ten opzichte van valse goden en godsdiensten moet zijn:

 

'Neem u er dan voor in acht, dat gij u niet laat verleiden … en dat gij hun goden niet zoekt'.

 

Als God vanwege de afgodische elementen de Spelen verafschuwt, mogen wij ons wel afvragen of deze Spelen onze interesse en tijd wel waard zijn.

 

Belijdenis van de Nationale Synode is veel te bleek

ND – 14/09/16

 

Wim van Vlastuin, hoogleraar predikantenopleiding Hersteld Hervormde Kerk, schrijft dat de Nationale Synode die op 5 november weer samenkomt, op een heilloze weg is. De hoogleraar geeft twee redenen hiervoor. Allereerst leidt de belijdenis van Christus in het credo van deze synode tot een 'bleke' Christus. Allerlei aspecten die op de Christus van boven wijzen, zijn eruit gesneden, zoals de maagdelijke geboorte, de Hemelvaart, het zitten aan de rechterhand van God en de wederkomst ten oordeel. Deze kernpunten van het orthodoxe geloof geven het Zoon-zijn van Christus aan en wijzen erop dat het heil van boven komt, buiten onszelf ligt en niet kan worden afgeleid van aardse wetmatigheden. Ook ontbreekt de lichamelijke opstanding uit de dood van de gelovigen in dit credo.

 

Dr. Van Vlastuin acht ook de geloofwaardigheid van de voorzitter van de nationale synode in het geding. Dit omdat deze, ds. G. de Fijter, heeft ingestemd met de vorming van de PKN (Protestantse Kerk Nederland). Door die vorming heeft het publieke orthodoxe belijden schade geleden. Dit botst volgens de hoogleraar met het oproepen tot het belijden van de Christus.

 

Kort commentaar

Ds. De Fijter heeft het bovenstaande tegengesproken. De belijdenis van Nicea zou als richtsnoer van belijden functioneren, het credo staat daar min of meer los van. Bovendien ziet hij geen verzwakking van orthodox belijden in het opgaan in de PKN destijds. Toch blijft staan dat zeer velen van orthodox gereformeerd belijden zich niet hebben laten meevoeren bij de fusie tot PKN. We vinden hen in de Hersteld Hervormde Kerk.

 

We mogen ook wijzen op het feit dat de nationale synode wenst te komen tot een mogelijke vorm van federatie met de werktitel 'Verbond van Protestantse Kerken en Geloofsgemeenschappen'. Van deelnemers wordt verwacht dat 'zij elkaar als gelijkwaardig zien, voldoende gemeenschappelijk hebben, elkaar aanvaarden in en ruimte geven aan ieders eigenheid en die bovenal het besef hebben dat zij één zijn ook al kunnen zij voorlopig organisatorisch niet één kerk zijn' (ds. De Fijter 15-06-2015).

Een brede federatie met een smalle belijdenis, precies waar dr. Van Vlastuin de aandacht op vestigt.