Ethiek

In de pers

Signalen

De bezinningsgroep Rijnsburg e.o. belegt D.V. op 26 september a.s. een voorlichtingsavond over:

Schriftgezag en hermeneutiek (Bijbeluitleg)

Spreker: dr. R.T. (Dolf) te Velde.

Plaats: kerkgebouw GKv Rijnsburg, Katwijkerweg 1a, 2231 SE Rijnsburg.
Aanvang: 20.00 uur.
Zie verder onder Nieuwe artikelen, click Schriftgezag en hermeneutiek

 


 

 

 



Aanmelden GRATIS nieuwsbrief

Naam:
E-mail:



printen

mailen

Signalen 36

 

R. Sollie-Sleijster

15-10-16

 

Tijd bedreigt identiteit

RD 01/10/16

 

Een sluipend assimilatieproces, zo noemt dr. C.S.L. Janse de ontwikkelingsgang van de EO (Evangelische Omroep). De EO werd destijds opgericht in de strijd tegen de tijdgeest, net als veel andere organisaties. Maar na verloop van tijd verdampt de strijd tegen de tijdgeest. Dr. Janse heeft namelijk dezelfde ontwikkeling opgemerkt bij de RPF, de VBOK, het blad Koers, de Evangelische Hogeschool en de Gereformeerde Sociale Academie (nu opgegaan in de Christelijke Hogeschool). Hij wijst ook op het ontstaan van het RD (Reformatorisch Dagblad) als reactie op de ingrijpende verschuivingen in de jaren zestig en op de oprichting van veel reformatorische scholen.

 

De antithetische opstelling tegen de tijdgeest in kerk en maatschappij was een reactie op het aangetaste gezag van de Bijbel in kerk en maatschappij. Daar werd een horizontaal evangelie verkondigd, de vrije seksuele moraal werd geaccepteerd. Vriendelijke woorden werden gesproken over communistische regimes en de vredesbeweging, die de westerse verdediging ondermijnde, werd toegejuicht.

Maar een nieuwe organisatie oprichten is één ding, haar in stand houden een ander. De fronten veranderen en de prioriteiten worden in de loop van de tijd bijgesteld. Hoe houden we de achterban bij elkaar? De leiders zijn er vaak op uit de veranderingen in identiteit te camoufleren of te bagatelliseren.

Dr. Janse haalt het proefschrift van Remco van Mulligen, 'Radicale protestanten' (2014), aan over de opkomst en de ontwikkeling van EO, EH en Christenunie. Van Mulligen signaleert hoe de laatste decennia groepen protestanten wel antithetisch zijn begonnen, maar inmiddels flink zijn bijgedraaid.

 

Ook religieuze minderheden staan bloot aan deze sterke assimilatiedruk. Tegenover de dominante cultuur moeten zij voortdurend hun geloofsovertuiging en levensstijl verdedigen. Wat in de huidige maatschappij gewoon geworden is, daar nemen de eigen mensen gemakkelijk ook het een en ander van over. Bijna iedereen doet het tegenwoordig immers zo! Dat noemt men wel de normatieve kracht van de feitelijkheid.

 

Hoe legt de EO het rechtzinnige deel van de achterban uit dat je de uitgesproken remonstrantse theoloog Tom Mikkers als programmamaker aantrekt? Iemand die zelf een homohuwelijk is aangegaan. Ook de IKON is in de EO opgenomen en zo is het hele kerkelijk spectrum vertegenwoordigd. Maar kan dat om principiële redenen wel?, zo vraagt dr. Janse.

Botsen allerlei standpunten uit de bredere kerkelijke wereld niet frontaal met de boodschap van de Bijbel? Kennelijk is hier sprake van een sterke relativering van de christelijke leer en dat niet alleen ten opzichte van Rome, maar ook ten opzichte van de vrijzinnigheid. Het maakt kennelijk niet meer uit wat men gelooft, zo lijkt het.

 

“Kerk en staat zijn al gescheiden”

RD 08/10/16

 

Hoeveel ruimte moeten kerk en religie krijgen in het publieke domein? Dat is de centrale vraag, zo stelt Wouter Beekers, directeur van het wetenschappelijk instituut van de ChristenUnie, in een lezing voor de jonge Democraten van D66. Vragen als: Mag Youth for Christ wel of geen overheidssubsidie krijgen? Mag een trouwambtenaar weigeren een homohuwelijk te sluiten? En een vorst die in de Troonrede naar God verwijst of de woorden “God zij met ons” op de rand van een 2 euromunt of een Gemeentelijke Basis Administratie die gegevens doorgeeft aan kerkgenootschappen, mag dat? Het zijn actuele en spannende vragen die gesteld worden.

 

De basis onder ons staatsbestel is de scheiding van kerk en staat. Art. 1 en 6 van de Grondwet (de antidiscriminatiebepaling en de vrijheid van godsdienst) geven hier vorm aan. Voorheen was de gereformeerde kerk bevoorrecht, maar sinds de 19e eeuw geldt dat alle godsdienstige gezindten gelijk worden behandeld en elke burger, van welke religie ook, benoembaar is in een overheidsambt. Sinds 1983 zijn bovendien bij Wet de financiële overheidsverplichtingen met betrekking tot traktementen, pensioenen e.d. opgeheven.

Beekers zegt dat de jonge Democraten niet langer hoeven te zeuren over een scheiding van kerk en staat, want die is er al lang. Wel is het een discussie die vloeibaar blijft, omdat verschillende opvattingen over een neutrale staat blijven bestaan. Maar die discussie moet wel helder zijn, want al snel raakt zij vervuild door misvattingen. Beekers noemt de volgende drie misverstanden:

 

1. De scheiding van kerk en staat betekent dat godsdienst en overheid (ook religie en politiek) geheel gescheiden moeten zijn.

Dit is een hardnekkig misverstand. In Nederland betekent het niet meer of minder dan dat kerk en staat organisatorisch en bestuurlijk van elkaar gescheiden zijn en dat de overheid geen enkele godsdienst voortrekt. Dus is het bijvoorbeeld geen probleem als sommige ambtenaren om gewetensbezwaren weigeren een homohuwelijk te sluiten. Zolang er collega's zijn die dat wel willen doen, brengt dat de neutraliteit van de overheid niet in gevaar.

 

2. De scheiding van kerk en staat is een welomschreven, tijdloos principe.

Hoe de scheiding van kerk en staat wordt vormgegeven, hangt sterk af van tijd en plaats. In een tijd dat de hele bevolking nog christelijk was, betekende dit een toenemende invloed van religie op de politiek. Het omgekeerde is ook waar. In tijden dat het merendeel van de bevolking weinig met religie heeft, leidt dat tot secularisering van de staat.

 

3. De scheiding van kerk en staat betekent dat de overheid kerken of religieus geïnspireerde instanties nooit (financieel) mag ondersteunen.

Ook dit is een misvatting. Steeds weer blijkt de Raad van State te moeten herhalen dat het wetsvoorstel van Kamerlid Koser Kaya (D66) niet klopt. De Zondagswet afschaffen met beroep op de scheiding van kerk en staat klopt niet. Dat heeft er namelijk niets mee te maken. De scheiding betekent niet dat de overheid geen enkele bemoeienis mag hebben met godsdienstige aangelegenheden, maar dat zij geen voorkeur uitspreekt voor een bepaalde godsdienst. En dit laatste doet de overheid in de Zondagswet simpelweg niet.

Deze misvatting speelde ook in 2010 in Amsterdam West bij het weigeren van subsidie aan Youth for Christ. Senator Bijsterveld (CDA) merkte terecht op: “Het is juist in strijd met het beginsel van neutraliteit om subsidies open te stellen voor activiteiten van allerlei organisaties, behalve voor organisaties die vanuit levensovertuiging handelen.”

 

Groen van Prinsterer waarschuwde in zijn Handboek der geschiedenis van het vaderland al dat:

 

het grote risico van een neutrale staat is dat die zou uitlopen op een “met ongeloof en onverschilligheid verbonden staat”, wat vervolgens zou leiden tot “onverdraagzaamheid en vervolging van alles wat zich naar de praktische eisen van het ongeloof niet voegt.”

 

NGK-gemeenten: toch ambt voor homo's met relatie

OnderWeg (voorheen De Reformatie/Opbouw) - 30/09/16

 

De redactie van OnderWeg meldt dat de NGK Groningen en de NGK Utrecht hebben besloten dat ook homoseksuele gemeenteleden met een relatie 'in liefde en trouw' ambtsdrager kunnen worden.

Hiermee gaan deze gemeenten in tegen het besluit van de Landelijke Vergadering NGK die de lijn van het commissierapport hieromtrent niet volgde. De meerderheid van de commissie zag wel ruimte hiervoor, maar de Landelijke Vergadering wilde dit niet in de vrijheid van de kerken laten.

Genoemde gemeenten gaan hun eigen weg met verwijzing naar hun eigen visie hierin. Deze gemeenten geven hiermee blijk van hun vrije opstelling tegenover de kerkorde.

In beide gemeenten heeft een minderheid bezwaren tegen de plaatselijke besluiten.

 

Sociaal darwinisme

RD 01/10/16 – Ingezonden

 

Hans Reinders verwijst naar de heldere en trieste serie van Bart van den Dikkenberg over het sociaal darwinisme, waarin aangetoond werd dat Hitlers visie op de Joden verband hield met het darwinisme, de strijd tussen de soorten, waarbij de sterkste overleeft. Hitler dacht dat hij zelf moest ingrijpen, operatie supermens. Die strijd is in de natuur werkelijk aanwezig. Dat zag Darwin goed. Maar de reden van deze strijd is de zondeval. De oplossing is niet het recht van de sterkste, maar het opkomen voor de zwakkere. God onze Schepper heeft oog voor de zwakkere, opdat Hij de sterkere zou beschamen.

Reinders wijst erop dat er ook verband bestaat tussen Darwin en Karl Marx. Beiden introduceerden het begrip strijd. Darwin sprak van strijd tussen de soorten en Marx van de klassenstrijd. De sterkste overwint. Maar in het rijk van Gods genade overleeft de zwakste. Paulus zei: Want als ik zwak ben, dan ben ik machtig.