Ethiek

Rond de Schrift

Signalen

De bezinningsgroep Rijnsburg e.o. belegt D.V. op 26 september a.s. een voorlichtingsavond over:

Schriftgezag en hermeneutiek (Bijbeluitleg)

Spreker: dr. R.T. (Dolf) te Velde.

Plaats: kerkgebouw GKv Rijnsburg, Katwijkerweg 1a, 2231 SE Rijnsburg.
Aanvang: 20.00 uur.
Zie verder onder Nieuwe artikelen, click Schriftgezag en hermeneutiek

 


 

 

 



Aanmelden GRATIS nieuwsbrief

Naam:
E-mail:



printen

mailen

Veel aandacht voor Dietrich Bonhoeffer

Ds. E. Heres
15-06-14

 

Het is opmerkelijk hoeveel aandacht er in onze tijd is voor de Duitse theoloog Dietrich Bonhoeffer (1906-1945). In dit voorjaar zijn er door prof. dr. B. Kamphuis (Kampen) en prof. dr. G.C. de Hertog (Apeldoorn) op verschillenden plaatsen in het land gastcolleges gegeven over Bonhoeffer.  In de week waarin ik dit schrijf heeft het Nederlands Dagblad een ‘Bonhoefferreis’ georganiseerd naar Duitsland, onder leiding van de beide genoemde hoogleraren. Onder redactie van dr. G.C. den Hertog en dr. B. Kamphuis is er ook een boek uitgegeven: ‘Dietrich Bonhoeffer. De uitdaging voor zijn leven en werk voor nu’

De auteurs vinden het voor ‘de gereformeerde traditie’ heel belangrijk dat er kennis genomen wordt van het werk van Dietrich Bonhoeffer. Bonhoeffer wordt door veel theologen gezien als een ‘gids voor de kerken’ vandaag.  Hij wordt zelfs wel de ‘profeet van de 21e eeuw’ genoemd.  In het onlangs verschenen boek van dr. G. Dekker over de ontwikkelingen in de Geref. Kerken Vrijgemaakt, onder de titel ‘De doorgaande revolutie’, komt ook Bonhoeffer nogal uitvoerig ter sprake. Dr. Dekker kiest opvattingen van Bonhoeffer als invalshoek voor zijn taxatie van ontwikkelingen binnen de GKV.   Waarom wordt Bonhoeffer zo belangrijk gevonden voor vandaag?  Ik las in een krantenartikel de volgende zinnen:

 

‘Bonhoeffer leefde in de eerste helft van de twintigste eeuw, bevond zich in totaal andere levensomstandigheden dan wij vandaag. Toch gaat er zoiets als een elektriserende werking uit van Bonhoeffers teksten. Je leest een paar zinnen van hem en je voelt: hier wordt werkelijk een diepte gepeild en met vaste hand in kaart gebracht. Dat is vermoedelijk de belangrijkste conserverende kracht van Bonhoeffer: zijn stijl, die insnijdt als een scherp mes - trefzeker, blootleggend, het hart rakend’.

 

Dat de persoon van Bonhoeffer de aandacht trekt is niet zo vreemd.  Hoewel hij zo jong gestorven is heeft hij toch een indrukkend theologisch oeuvre achtergelaten.  Zo jong als hij was heeft hij in het Duitsland van Hitler de goede keuze gemaakt. Hij keerde zich met al zijn kunnen tegen het Naziregime. Hij was nog zo jong toen hij als verzetsheld gestorven is. Kort voor de bevrijding hebben de Gestapobeulen, na persoonlijk bericht van Hitler, hem op 9 april 1945 opgehangen. 

Maar waarom zouden gereformeerde mensen vandaag in de leer moeten gaan bij het wérk van Bonhoeffer?   Nou, zegt men, omdat Bonhoeffer zo treffend heeft gezien welke kant het uit zou gaan in de wereld van na de oorlog. En omdat hij heeft laten zien: ‘God is relevant middenin het leven, ook voor moderne mensen die zelf de koers van hun leven uit kunnen stippelen’.

 

De reden dat ik hier schrijf over de aandacht voor Bonhoeffer is de waarneming dat er in GKV kring een grote verandering heeft plaatsgevonden in de beoordeling van het werk van deze Duitse theoloog.  Vroeger werd er vanuit ‘Kampen’ gewaarschuwd voor de theologische opvattingen in het werk van Bonhoeffer. Ik denk bijvoorbeeld aan artikelen van prof. dr. C. Trimp in De Reformatie (40e jrg., nr. 31 e.v.).   

Vandaag worden we, juist ook vanuit ‘Kampen’, aangemoedigd ons vooral te verdiepen in het werk van Bonhoeffer.   Het lijkt alsof het alleen tot je schade is als je geen werk van Bonhoeffer hebt gelezen.  Maar het kan verkeren.

 

Afgelopen dagen kwam me een artikel onder ogen van de dogmaticus van ‘Kampen’, prof dr. B. Kamphuis, uit 1991. Hij schreef het artikel in het blad Radix (17e jrg. 1 juli 1991).  Het is een bespreking van een boek dat dr. G. Huntemann geschreven heeft over Bonhoeffer. Ik geef hier een aantal passages weer uit de paragraaf waarin prof. B. Kamphuis schrijft over visie van Bonhoeffer op de Bijbel als het Woord van God.

 

Ingrijpender is de kwestie van Bonhoeffers schriftbeschouwing. Huntemann geeft eerlijk toe dat Bonhoeffer een trouw zoon was van de historisch-kritische theologie, waarin de bijbel gelezen wordt als een bundel menselijke geschriften en niet als Gods altijd betrouwbare Woord (…).

Juist Bonhoeffers schriftkritische uitgangspunt is bepalend voor de problematiek die zijn denken vanaf het begin heeft beheerst. Aan de éne kant wil hij inderdaad openbaringstheoloog zijn: de weg van de openbaring loopt van God naar de mens, van boven naar beneden. Daarin is hij ten volle leerling van Barth. Maar aan de andere kant is voor Bonhoeffer de bijbel als zodanig een geschrift van beneden. Daarin was hij ten volle leerling van de liberale theologen die hem aan de universiteit van Berlijn hadden onderwezen. (…)

Waar vinden we Gods openbaring in Christus in deze wereld? Dan zegt Bonhoeffer: in de gemeente (…), of: in de navolging van de christen (…), of: in de godverlatenheid die we in deze wereld ervaren (..). Het zijn allemaal pogingen om Gods openbaring in Christus, die Bonhoeffer gelooft, een concrete plaats in deze wereld aan te wijzen. Maar al die pogingen hebben een illegitieme vraagstelling als achtergrond. Want Gods openbaring in Christus is concreet tot ons gekomen in het evangelie: 'Nabij u is het woord' (Rom. 10,8). Het woord van de Schrift is het woord van God zelf dat van Christus getuigt. Bonhoeffers levenslange en indrukwekkende zoektocht naar het concrete van Gods openbaring is er een bewijs temeer voor hoezeer het gereformeerde schriftgeloof onopgeefbaar is. Zijn problemen werden onoplosbaar omdat ze geen rust konden vinden in het antwoord dat God zelf gegeven heeft. Het is dus mijn overtuiging dat je Bonhoeffers historisch-kritische opvattingen ten aanzien van de bijbel niet kritisch aan de kant kunt leggen om dan vervolgens te denken dat je een min of meer gereformeerde Bonhoeffer hebt overgehouden. Dat er ook voor gereformeerden veel van Bonhoeffer te leren is, stem ik Huntemann graag toe. Maar Bonhoeffers theologie staat uiteindelijk wat probleemstelling en inhoud betreft ver van de gereformeerde theologie af’.

 

En verder:

 

‘Hier ligt ook het punt waarop je kunt zeggen dat Bonhoeffer wel degelijk voorloper is geworden van het theologische modernisme, dat zich bijvoorbeeld in de zestiger jaren van hem meester heeft willen maken. Omdat Bonhoeffers eigenlijke probleem is: waar wordt Gods openbaring concreet in de wereld, daarom worstelt hij met de vraag: hoe valt er überhaupt nog vanuit onze werkelijkheid over God te spreken?’

 

In de loop van het betoog stelt prof. Kamphuis dat

 

‘Bonhoeffer eigenlijk moderner (is) dan iemand als Bultmann, die via zijn 'ontmythologisering' van het evangelie probeerde dat te verwoorden in de taal van de mens van vandaag’.   

 

De paragraaf wordt beëindigd met de woorden:

 

‘De antwoorden van de modernistische theologie zijn niet die van Bonhoeffer. Maar de problematiek is dezelfde. Van die problematiek kun je vanuit het geloof in de God die in de Heilige Schrift gesproken heeft alleen maar zeggen dat ze niet te aanvaarden is. Hierin staat Bonhoeffer ver van ons af, veel verder dan bij Huntemann duidelijk wordt’.

 

Als ik zijn hele artikel van 22 jaar geleden lees, dan klemt des te meer de vraag: Hoe kan het dat prof. Kamphuis vandaag zo positief kan zijn over Bonhoeffers theologie?

Hadden we niet begrepen dat Bonhoeffers Schriftbeschouwing beslissend is voor heel zijn theologiseren?