Ethiek

Synodeverslagen

Signalen

Bunschoten-Spakenburg, zaterdag 14 dec.
Bezinningsdag MVEA
Immanuelkerk, Plevier 2, 10.00-15.00 uur
info: www.bezinningmvea.nl

Emmeloord, vrijdag 24 januari
'Hoe lief heb ik uw wet'
Ds. A. Bas
De Ontmoeting, Europalaan 42, 20.00 uur



Aanmelden GRATIS nieuwsbrief

Naam:
E-mail:



printen

mailen

GS Ede – Impressie 06

 

D.J. Bolt

12-06-14

Laatste update 13-06-14/09.33

 

Op de vrijgemaakte synode te Ede zijn de besprekingen over de vrouw in het ambt voltooid met een viertal genomen besluiten, zie GS Ede Verslag 14-423 - MV Besluiten, rubriek Synodeverslagen.

We beloofden vervolgens een antwoord te geven op twee vragen:

  • Wat is nu precies besloten?
  • Wat betekent het voor ons kerkelijk leven?

Dat willen we proberen te doen in deze impressie.

 

Deputaten en adviseurs

 

Opnieuw spreken we er onze verbazing over uit hoe groot de rol van deputaten en adviseurs is die ze krijgen en zich aanmeten. Het lijkt soms wel op lobbyen om hun conceptbesluiten of ideeën aanvaard te krijgen zoals je dat ook ziet in grote politieke arena's als parlementen. De synodevergadering wordt gevraagd én ongevraagd beïnvloed in haar besluitvorming. Een sterk staaltje daarvan zagen we in de bijeenkomst met deputaten Liturgie & Kerkmuziek waar een deputaat het zelfs bestond zich te bemoeien met de orde van de synodevergadering. En ondanks dat de preses hem niet het woord had gegeven en bezwaar maakte ging hij rustig door zijn ordevoorstel aan de vergadering voor te leggen. Je moet maar durven. Onbeschaamd, lijkt ons.

 

Er lijkt een deputatocratie te ontstaan die de kennis en navenante macht in de kerken heeft en zijn invloed massief uitoefent, ook tussen de synoden in. De synode daarentegen heeft het moeilijk om in alle rust en bezonnenheid haar eigen spoor te trekken. Zij is min of meer een ad hoc vergadering waarvan de samenstelling veelal niet wordt geselecteerd op hoge kennis van materie en kundigheid in besturen maar op beschikbaarheid. Nu is dat op zichzelf niet erg, misschien zelfs wel goed, als ze tenminste de kans krijgt om intern ongehinderd en onbeïnvloed haar werk te doen.

Het lijkt ons, dat daarom het Canadese vergadermodel overweging verdient zoals we al eerder hebben aanbevolen. Maar genoeg daarover.

 

Uitgangspunt

 

In heel de navolgende beschouwingen houden we steeds voor ogen waar het om draait in deze discussie en besluiten.

Het uitgangspunt in gereformeerde kerken is altijd geweest dat alleen mannen geroepen zijn voor het regeerambt. Dat baseren onze eeuwenoude kerken op de Schrift.

De praktijk dat vrouwen niet verkozen worden in de ambten is naar de Schrift, zeggen we vol overtuiging. En we verwijzen daarbij naar teksten in 1Tim. 2, 1Kor. 11 en 14, Efeze 5, Titus 2, Genesis 1-3. Kortom, de praktijk dat het regeerambt voorbehouden is aan mannen, en niet vrouwen toekomt, funderen we in de Schrift.

In deze impressie willen we de balans opmaken van wat de synode hiervan over heeft gelaten.

 

Het deputatenvoorstel

 

De deputaten MV boden vorig jaar de synode het volgende geruchtmakende  conceptbesluit 2 aan:

 

Besluit 2:

op basis van dit rapport het volgende uit te spreken:

a. de visie dat naast mannen ook vrouwen in de kerkelijke ambten mogen dienen, zoals deze in dit rapport verwoord is, past binnen de bandbreedte van wat als schriftuurlijk en gereformeerd kan worden bestempeld;

b. het al dan niet functioneren van vrouwen als ambtsdrager mag voor de GKv geen belemmering vormen in de kerkelijke contacten met de CGK en de NGK en evenmin bij gemeentestichtingsprojecten.

 

In het rapport van ongeveer 40 pagina's waarnaar hier wordt verwezen, wordt getracht hun visie vanuit de Schrift en de cultuur te onderbouwen.

Echter het besluit 2 dat de basis vormde voor de bespreking afgelopen donderdag was een ander! Dit 'behandelingsvoorstel' laten we hier ook volgen:

 

Besluit 2:

het volgende uit te spreken:

  1. de visie dat behalve mannen ook vrouwen in de kerkelijke ambten mogen dienen, past binnen de bandbreedte van wat als schriftuurlijk en gereformeerd kan worden bestempeld;
  2. het al dan niet functioneren van vrouwen als ambtsdrager mag voor de Gereformeerde Kerken geen belemmering vormen in de kerkelijke contacten met de Christelijke Gereformeerde en de Nederlands Gereformeerde Kerken en evenmin bij gemeentestichtingsprojecten.

Gronden:

  1. [a] Zowel voor- als tegenstanders van openstelling van de ambten voor vrouwen argumenteren op basis van de Bijbel, die normatief is voor alle denken en leven.
  2. [a] Onomstreden is dat man en vrouw samen door God verantwoordelijk zijn gesteld voor wat er in de schepping gebeurt (Gen. 1: 26-28).
  3. [a] De kloof tussen kerk en maatschappij, die momenteel in de Gereformeerde Kerken bestaat als het gaat om de rol van vrouwen, is niet in lijn met de Bijbel.
  4. [b] Uit Besluit 2a en de bijbehorende gronden volgt dat kerken en medechristenen niet uitsluitend op een andere visie of praktijk inzake de vrouw in het ambt beoordeeld mogen worden.

Zoek de verschillen! Dat is niet moeilijk. Zeer opmerkelijk: de verwijzing naar hun eigen rapport (in rood en vet gedrukt) waarop de deputaten hun besluiten baseerden, is verdwenen! Wel zijn er nu 'gronden' aan toegevoegd maar die hebben geen relatie meer met de 'schriftuurlijke' redenering die door de deputaten in de kerken en ook internationaal (in Hamilton) werd verdedigd! Dus hiermee hangen deze besluiten qua argumentatie in de lucht!

 

Hoe kan dit nou? Zijn de deputaten eindelijk tot de conclusie gekomen dat hun Rapport M/V in de kerk inderdaad niet deugde zoals velen, verontrust of niet, hadden aangetoond?

Nee, zeker niet. De deputaten hebben geen millimeter van hun rapport afgedaan. Maar waarom dan die verwijzingen uit de besluittekst weggehaald? Er is maar één reden: men vreesde dat de voorstellen-met-verwijzing het niet zouden halen op de synode. Dus werd de verwijzing geschrapt als toch maar de synode hun visie zou willen legitimeren dat de vrouw in het ambt door de gereformeerde beugel kan.

 

Hoezeer de deputaten kennelijk in paniek waren geraakt blijkt wel uit de gang van de bespreking op de synode. Want ze vreesden dat zelfs hun gekortwiekte voorstel het niet zou redden omdat er ook bepaalde tegenvoorstellen op tafel lagen. Daarom gingen ze nog verder met het strippen van hun voorstel. De frase 'ook vrouwen in de kerkelijke ambten mogen dienen'  werd eruit gehaald en vervangen door iets als dat vrouwen ook taken in de zielszorg en barmhartigheid kunnen vervullen'. En er werd in de gauwigheid een onderdeel 2c toegevoegd: 'dat de relatie met de bestaande ambten niet voldoende is onderzocht'.  De precieze tekst is in de amendementendraaikolk niet meer te achterhalen. Maar het is duidelijk dat het begrip ambt in het behandelingsvoorstel werd gewist.

Bovendien vervingen de deputaten ook nog eens hun besluit 3 ('geen nieuwe MV deputaten benoemen') door het "mooie besluit 3" van ds. Van der Schee en aanhangers, en lieten ze hun besluit 4 vallen. Toe maar, toe maar.

 

En dan, als klap op de vuurpijl (na een pauze/overleg) trekken ze alle aangebrachte wijzigingen weer in, máár veranderen tegelijk opnieuw besluit 2. Dat moet nu i.p.v. van die 'bandbreedte' luiden:

 

de visie dat behalve mannen ook vrouwen in de kerkelijke ambten mogen dienen, 'moet vrij bespreekbaar zijn zolang er vanuit de Schrift geargumenteerd wordt'.

 

Echter de lijdensweg van deputatenvoorstel besluit 2 is nog niet teneinde. Want inmiddels kunnen de synodeleden het ook niet meer volgen en vragen schorsing van de vergadering. Zij willen er nog 'even' beter naar kijken.

 

En dan, ongelooflijk, na de schorsing blijken de deputaten geheel bekeerd. Want ze keren terug naar hun oorspronkelijke voorstel! Voor de helderheid!, zoals ze zeggen. En zij motiveren, let op:

 

Deputaten menen nu dat als hun voorstel wordt afgestemd er nog genoeg mogelijkheden liggen om door te gaan.

 

Dus geen voortschrijdend inzicht in de onhoudbaarheid van hun voorstel maar puur kerkpolitiek handelen! Als synodelid zou je hier toch spontaan van gaan knarsetanden? Dit gemarchandeer is toch een gereformeerde synode onwaardig?

Het is ook zo fundamenteel tégen de regels van kerkelijk-synodale omgang. Die vragen dat deputaten hun werk een half jaar vóór de synode begint, afronden en hun beleidsrapporten indienen. De synodeleden hebben dan nog de tijd de (vele) rapporten te bestuderen en zich er biddend en in alle eerlijkheid een oordeel over te vormen. Dat is toch onmogelijk als ter vergadering zoveel fundamentele wijzigingen worden aangebracht? Daar zijn de merites toch niet van te overzien?

Het moest niet mogen, dit gedoe. Een en ander onderstreept opnieuw ons pleidooi tijdens de beraadslagingen van de synode deputaten op te sluiten in hun hok en hooguit een klein loketje waar hun eventueel nog wat vragen kunnen worden gesteld.

 

Afgang

 

Het synodereglement schrijft voor dat als er naast een deputatenvoorstel tegenvoorstellen zijn ingediend, het deputatenvoorstel het eerst in stemming wordt gegeven. Aldus geschiedde. De uitslag van de stemming was vernietigend: 1 onthouding, 35 tegen! Met de grootst mogelijke meerderheid dus verworpen!

 

Er zijn kerkleden die opgelucht ademhalen, dankbaar zijn dat het zo is afgelopen. Die zeggen dat het buitenland met zijn vermaanbrieven het toch maar mooi mis heeft. Want we gaan de vrouw in het ambt niet invoeren. De synode heeft dat bijna unaniem verworpen!

 

We hebben een paar vragen en bedenkingen bij deze euforie en zullen die in het navolgende verder nog uitgebreid toelichten.

Laten we om te beginnen zeggen, dat ook wij diep dankbaar zouden zijn geweest als met deze stemming de synodevergadering met dankgebed was besloten. En er was alle reden geweest om dat ook in de erediensten te doen. Maar de vergadering werd niet gesloten, integendeel.


Voor we daar meer over gaan zeggen, eerst een antwoord op een andere vraag.

Is met het verwerpen van het deputatenvoorstel 2 daarmee ook de argumentatie in hun rapport verworpen? Zodat je kunt zeggen: zó mogen wij in onze kerken niet met de Schrift omgaan?

Neen! Want de koppeling met de argumentatie in het rapport hadden de deputaten zelf al uit het behandelvoorstel dat aan de basis van de bespreking lag, gehaald. Met het terugdraaien van al hun wijzigingen gingen ze daar naar terug. Kortom, de synode heeft met deze stemming alleen maar het behandelvoorstel deputatenbesluit 2

  1. de visie dat behalve mannen ook vrouwen in de kerkelijke ambten mogen dienen, past binnen de bandbreedte van wat als schriftuurlijk en gereformeerd kan worden bestempeld;
  2. het al dan niet functioneren van vrouwen als ambtsdrager mag voor de Gereformeerde Kerken geen belemmering vormen in de kerkelijke contacten met de Christelijke Gereformeerde en de Nederlands Gereformeerde Kerken en evenmin bij gemeentestichtingsprojecten.

verworpen en hiermee niets gezegd over de achterliggende redenatie die de deputaten tot dit voorstel deden komen.[1]

 

Maar kunnen wij dan in elk geval niet gewoon blij zijn met de verwerping van deze twee voorgestelde besluiten? Dat zouden we graag willen.

Echter er was ook nog een aantal tegenvoorstellen voor het deputatenbesluit 2. De blijdschap over het verworpen voorstel hangt dus geheel af van welk ander voorstel 2 zou worden aangenomen. Ter vergelijking, als een rechter de eis om te straffen met de kogel verwerpt, kan de blijdschap hierover danig getemperd worden als hij vervolgens uitspreekt dat de veroordeelde aan zijn tenen moet worden opgehangen tot de dood er op volgt. Wij zouden wel weten te kiezen.

Dus, de hamvraag is: wat is er voor dat deputatenvoorstel 2 in de plaats gekomen?

 

Er was eens

 

Na de verwerping van het deputatenvoorstel besluit 2 kwamen er maar liefst drie tegenvoorstellen van groepen synodeleden aan de orde:

  1. Tegenvoorstel besluit 2, Kruse
    ds. S.W. de Boer, ds. L.W. de Graaff, ds. W.L. de Graaff, br. S. de Vries, br. K. Wezeman.
  2. Tegenvoorstel besluit 2, De Jong
    Br. M. de Jong.
  3. Tegenvoorstel besluit 2:  VdSchee
    J.A. van Arkel, ds. K. Beiboer, ds. J. W. Boerma, br. H.H. Bouma, br. K. Bouma, ds. K. van den Geest, br. J. van Leeuwen, br. S. Poutsma, ds. W. van der Schee, ds. J.H. Soepenberg, ds. E.J. Sytsma, ds. R. Tigelaar.

Na heel veel discussie, haken en ogen, mitsen en maren werd het voorstel Kruse aangenomen met 21 stemmen voor en 15 tegen. Het voorstel van br. De Jong kreeg onvoldoende steun en kwam dus zelfs niet in stemming.

Dat is een behoorlijke meerderheid dus. Maar even rekenend, als slechts 3 broeders anders hadden gestemd, was het voorstel VdSchee aangenomen!

 

Het voorstel Kruse werd dus aangenomen maar níet zoals het oorspronkelijk was ingediend en als behandelvoorstel op tafel lag. Het had een metamorfose ondergaan voordat het tot definitief synodebesluit werd verheven. Wat we nu gaan doen is het oorspronkelijke besluit 2 Kruse vergelijken met wat er uiteindelijk van overbleef. Hier volgen ze:

 

Oorspronkelijk behandelvoorstel besluit 2:

 

uit te spreken dat bij het ontwikkelen van een Schriftuurlijke visie op mannen en vrouwen in de dienst van het evangelie de volgende uitgangspunten in acht moeten worden genomen:

  1. het doorlopend spreken van de Schrift laat twee lijnen zien. De ene lijn is die van gelijkwaardigheid tussen man en vrouw – de andere die van het verschil in verantwoordelijkheid die God aan man en vrouw heeft gegeven; deze beide lijnen sluiten elkaar niet uit;
  2. de woorden van de apostel Paulus in 1 Kor. 14, 34 en 1 Tim. 2, 11- 15 geven aan dat mannen de eindverantwoordelijkheid dienen te dragen voor de ambtelijke taken;
  3. exegetisch is niet overtuigend aangetoond dat de woorden van de apostel Paulus voor de kerk van vandaag niet meer zouden gelden;
  4. de ‘culturele context’ kan bij de uitleg van de onder 2 genoemde teksten niet als doorslaggevend argument worden gebruikt om de zusters tot deze taken toe te laten.

Synodebesluit

  1. niet in te stemmen met de onderbouwing van de conclusie van de deputaten M/V in de kerk dat het past binnen de bandbreedte van wat als Schriftuurlijk en gereformeerd kan worden bestempeld wanneer naast mannen ook vrouwen in de kerkelijke ambten mogen dienen.
  2. de visie dat behalve mannen ook vrouwen in de kerkelijke ambten mogen dienen moet vrij bespreekbaar zijn zolang er vanuit de Schrift geargumenteerd wordt.

Grond:

het doorlopend spreken van de Schrift laat twee lijnen zien. De ene lijn is die van gelijkwaardigheid tussen man en vrouw – de andere die van het verschil in verantwoordelijkheid die God aan man en vrouw heeft gegeven; deze beide lijnen dienen verdisconteerd te worden.

 

Je hebt geen vergrootglas nodig om te zien hoe het oorspronkelijk voorstel gehavend uit de strijd is gekomen. Terwijl we ons zo uitstekend konden vinden in het oorspronkelijke voorstel Kruse met de vijf argumenten. In eigen woorden:

  1. Twee lijnen in de Schrift: gelijkwaardigheid en verschil in verantwoordelijkheid.
  2. Deze twee lijnen sluiten elkaar niet uit.
  3. De man is eindverantwoordelijk in het ambt, naar o.a. 1Tim. 2, etc.
  4. Het gebod/verbod van Paulus geldt ook nog voor vandaag.
  5. De cultuur/context is niet bepalend om zusters tot het ambt toe te laten.

Met dit fundamentele besluit zouden we verder kunnen. Het bevestigt de eeuwenoude leer van man/vrouw en ambt, wijst de Nederlands gereformeerde basis voor hun invoering van de vrouw in het ambt fundamenteel af (argument 2) en laat ook zien dat het argumenteren vanuit de context om Paulus uitspraken te inverteren op z'n minst dubieus is.

 

Wat is daar van overgebleven? Een schamel synodebesluit waar de eeuwenoude gereformeerde opvatting dat het ambt alleen mannen toekomt niet wordt bevestigd. En tegelijk ook 'de vrouw in het ambt' niet wordt verworpen.

 

Het is ook een wat wonderlijk besluit. Het wijst de onderbouwing van de vrouw in het ambt die de basis was van het deputatenrapport, af. Maar de deputaten hadden zelf al de link met hun redenering verbroken, zagen we eerder. Dit besluitdeel is dus een schot in de lucht. Voor hun visie is de relatie met hun rapport ook niet nodig. Je mag hun visie immers altijd al vinden in onze kerken, schreef eerder prof. De Bruijne in zijn advies, daar is niet een apart besluit voor nodig. Dit besluit wijst die visie ook niet af. Alleen de link met het rapport.
En vervolgens breekt het synodebesluit zelf een lans voor die visie. Die moet vrij bespreekbaar zijn, als er maar op de een of andere manier vanuit de Schrift wordt geargumenteerd.

We vinden dit zeer ongelukkig. Sinds wanneer gaan we zo 'vrijpostig' om met de Schrift? Dit geeft toch voet aan een ongereformeerde vrijblijvendheid? Ter vergelijking, zouden we op dezelfde manier spreken als het ging om de ontkenning van de 'verzoening door voldoening' bijvoorbeeld? Als je maar vanuit de Schrift redeneert dan is het vrij bespreekbaar?

 

Wat is er niet veel verdwenen van de oorspronkelijke vijf argumenten! Om te beginnen de argumenten vanuit de Schrift. Vreemd, we zouden toch 'vanuit de Schrift argumenteren'? In het eerste het beste besluit doet de synode het zelf niet (meer)!

Ook is er uit: man als eindverantwoordelijke, en dat de lijnen die elkaar niet uitsluiten (tegen het NGK VOP rapport). Er is maar een sliertje van het oorspronkelijke besluit overgebleven.

Ja, die lijnen moeten wel verdisconteerd worden. De lijn van gelijkwaardigheid van de man en vrouw en het verschil in verantwoordelijkheid. Maar zo algemeen gesteld, zeg je er toch niets bepaald mee over mannen en vrouwen in het ambt? Het begrip ambt is zelfs helemaal uit de grond verdwenen! Waar gaat dan 'gelijkwaardig' en 'verantwoordelijk' nog over? In het huwelijk, de kerk, de samenleving? Nu de relatie met de Schrift niet wordt gelegd hangt het allemaal in de lucht.

 

Het is ons trouwens ook geheel onhelder hoe de grond past bij de twee besluitdelen. Een  grond behoort te motiveren, legt een vloer onder besluiten. Maar hoe 'de twee lijnen' nu precies gerelateerd aan de uitspraken vermogen we niet in te zien.

 

Onze conclusie is dat met dit kernbesluit de vrouw in het ambt niet wordt aanvaard noch wordt afgewezen. En dat het optreden tegen independentistisch handelen als in Amsterdam, Mijdrecht en Assen/Kloosterveen waar men inmiddels de vrouw in het ambt heeft ingevoerd, verlamt.
Of was dit de bedoeling?

 

Druk

 

Er zijn verschillende pogingen geweest om b.v. de verwijzingen naar de Schrift weer in het besluit aan te brengen (ds. Zomer). En de man weer als eindverantwoordelijke aan te wijzen (ds. Voorberg). Het mocht niet baten. De amendementen werden zelfs niet eens gesteund.

Hoe heeft dit toch kunnen gebeuren? O.i. doordat de combinatie van een aantal m.n. jongere predikanten, deputaten en adviseurs een zware druk uitoefende op de vergadering. Elke normatieve referentie naar de Schrift moest uit het voorstel. Want, zo betoogde men, het gaat om meningen, een mening van ons (vóór) en een mening van jullie (tegen). En meningen mogen we elkaar niet opleggen, dat is bovenschriftuurlijk binden. Er moet vrij met deze materie kunnen worden omgegaan.

Voor die druk is helaas de groep Kruse bezweken en heeft de steun aan hun voorstel verworven met de ontmanteling van hun initiële schriftuurlijke voorstel.

 

Bang

 

Men verwijt verontrusten vaak dat ze bang zijn, bang voor veranderingen. En inderdaad zijn wij beducht voor veranderingen die we niet kunnen funderen in de Schrift, voelen huiver om eigen cultureel bepaalde wegen te gaan. De 'vreze des Heren' heeft alles te maken met eerbied voor zijn Woord.

Maar bij een heel aantal synodeleden proef je een andere angst: angst voor niet-geïnteresseerde jongeren, voor tranenpinkende vrouwen, en vooral angst om iets concreets te zeggen vanuit de Bijbel. Want dan overrule je de ander, overstem je zijn mening. En dat is voor hen wel het laatste wat mag in de kerk.
Zo lag er een grauwsluier over de besprekingen. Met die potpourri van meningen bleef er eigenlijk alleen maar aanbidding over van 'de ontwikkelingen in de kerken'. Onder begeleiding van besluit 4, zie later.

 

Studeren

 

De deputaten MV hadden voorgesteld om geen nieuwe deputaten te benoemen, conceptbesluit 3. De zaak van de vrouw in het ambt was immers met hun besluit 2 beklonken? Maar ook hier ontstond weer een slagveld van tegenvoorstellen, amendementen en allianties.

Er lagen drie tegenvoorstellen op tafel: van br. Kruse e.a., ds. Van der Schee e.a. en ds. Zomer. De deputaten trokken wijselijk hun voorstel in, dat hoefde dus in elk geval niet meer te worden besproken. En Kruse en Van der Schee slaagden erin hun voorstellen in elkaar te knutselen. Ook ds. Zomer trok zijn tegenvoorstel terug, waarschijnlijk omdat zijn punt – alsnog de opdracht van Harderwijk uit te voeren – voldoende verwerkt was in het combinatievoorstel Kruse/VdSchee. Overigens jammer voor hem, de grond waarin zijn voorstel was verwoord, werd op advies van prof. Te Velde eruit verwijderd.

Maar goed, uiteindelijk ging iedereen akkoord om nieuwe deputaten te laten studeren, we zeggen het maar even in eigen woorden op:

  • Hoe de ambten zo kunnen worden aangepast dat ook vrouwen daarin kunnen deelnemen.
  • Hoe daarvoor de formulieren en kerkorde moeten worden veranderd.
  • Na te gaan hoe zusterkerken hierover denken.

Het gaat om een kritische bestudering van de huidige ambtsstructuur in het licht van het totale onderwijs van de Schrift. Die structuur stamt uit de Reformatietijd en mag, omdat die niet 'rechtstreeks' aan de Bijbel ontleend is, dus gerust worden gewijzigd, stelde men. Zo proberen de gronden onder het voorstel ons gerust te stellen.

Dat belooft nog wat! We zijn heel benieuwd en, eerlijk gezegd, gezien het resultaat van de eerdere deputatenstudie waarin ook de theologische universiteit prominent was betrokken, niet echt gerust over de richting waarin dit zal gaan. Maar goed, op een grondige en eerlijke studie van de Schrift is natuurlijk nooit iets tegen.

 

Nog een deputaatschap

 

Een onbevangen lezer zou verwachten dat het met de voorgaande besluiten wel klaar is. Maar zie, er komt nóg een, besluit 4!

Het besluit wil anticiperen op de ontwikkelingen in de kerken. Er moet daartoe nog een ander deputaatschap M/V komen 'dat moet werken aan de integratie van het bijbels onderwijs, de confessionele normen en de praktijk in de Gereformeerde Kerken met betrekking tot de rollen en functies van vrouwen en mannen in hun onderlinge samenhang'. Samen met de TU en het Praktijkcentrum moet het deputaatschap de ontwikkelingen 'theologisch en empirisch verantwoord begeleiden en besluitvorming voorbereiden'. En als die ontwikkelingen voldoende 'convergeren' worden er voorstellen voor de eerstvolgende synode gedaan.

 

Het klinkt goed maar het is een wonderlijk en ook controversieel besluit.

Het is wonderlijk omdat verschillende synodeleden aangaven niet te begrijpen wat nou precies de taak van het deputaatschap is. Wonderlijk ook, omdat de indiener en verdediger Van der Schee (het was zijn/hun eerdere tegenvoorstel besluit 3!) het ook niet nodig vond dat de synode het begreep: 'als de nieuwe deputaten het maar begrepen'. Dat lijkt aardig arrogant. De kerken mogen toch wel weten wat ze precies aan opdrachten geven en waarvoor ze quota laten betalen? Het is toch een toppunt van 'vervaging' (Zomer) als niet helder kan worden gemaakt wat met dit langjarige deputaatschap wordt beoogd?

 

We hebben geen behoefte aan allerlei vage double talk en zeggen maar recht toe recht aan wat we er van vinden. Dat is: met dit deputaatschap wordt de weg in de praktijk geplaveid voor de vrouw in het ambt. Je moet je ogen wel dichtplakken om dit niet te zien. Het is 'slim, misschien wel sluw', zoals iemand op de synode opmerkte.

 

Ja, het past wel in het huidige klimaat van onze kerken waarin plaatselijke kerken hun eigen gang gaan, denk aan de zang- en muziekpraktijk en kerkelijke eenheid. Sturen, richting wijzen willen we niet meer. Als gezamenlijke kerken hebben we alleen nog een set meningen en gijzelen elkaar daarmee zodat er niet meer normatief gesproken kan worden. Zeggen dat iets naar de Schrift is verboden als de ander toevallig een andere overtuiging heeft. Want dan zet je hem klem. Faciliteren is het nieuwe toverwoord waarmee we het verlies van geloofsverbondenheid trachten overeind te houden of te repareren. En bottom up, van onderop, de kerken hun eigen gang laten gaan, Amsterdam voorop. Vroeger noemden we dat independentisme.

 

Te zwart gedacht? De intentie van Van der Schee en aanhang werd verraden in hun oorspronkelijke voorstelbesluit 3. Daar werd als taak in 1f gespecificeerd:

 

kerkenraden die om hen moverende redenen beslissingen genomen hebben of willen nemen over de rollen en functie van vrouwen die afwijken van wat tot nu/dan toe gemeenschappelijk afgesproken is, van advies te dienen en bij het dan nodige gesprek met de classis te assisteren;

 

Precies daar gaat het om. In de toelichting bij dit voorstelbesluit van Van der Schee wordt al doodleuk gesproken over gemeentes waarin zusters in feite als ambtsdrager functioneren'. Weliswaar werd  taak 1f uit het aangenomen besluit gehaald maar we hebben even de achterliggende agenda gezien.

Tussen haakjes, is het niet onaanvaardbaar dat terwijl het eerste deputaatschap zijn principiële studie naar de ambten en de toelaatbaarheid van de vrouw in het ambt nog moet beginnen, een predikant-synodelid aangeeft zélf al met vrouwelijke ambtsdragers te werken? Dat is toch niet geloofwaardig?

 

Hoe heeft de synode in den vrede met dit besluit 4 kunnen instemmen?

De term package deal viel op de synode. In rond Nederlands, koppelverkoop. En daar leek het veel op: als besluit 3 uit de stal van Kruse e.a. zou worden aangenomen dan zou men besluit 4 van Van der Schee c.s. aanvaarden. Immers besluit 4 is gewoon het vrijwel ongewijzigde voorstel besluit 3 van de groep VdSchee.

We zijn nog steeds verbaasd hoe dit besluit heeft kunnen worden genomen door een gereformeerde synode ondanks verschillende waarschuwingen. Zonder één enkele motivatie vanuit de Schrift, zonder enige belijning of begrenzing van taken en tijd, en met een verkeerde achterliggende intentie. Het toont de wil tot beheersen, zei iemand op de synode…

Maar voor degenen die de vrouw in het ambt zo spoedig mogelijk in de praktijk willen zien gerealiseerd is dit het op een na beste besluit…

 

Way out?

 

Een eenmaal genomen besluit kan moeilijk meer worden teruggedraaid. Dat geeft altijd een hoop herrie. Maar er is wel een aantal mogelijkheden om de schade te beperken. We noemen:

  • Het besluit handhaven maar niet uitvoeren.
  • Koppeling aan de uitkomst van het andere deputaatschap en zolang de uitvoering van dit besluit opschorten.
  • Deputaten benoemen die de gereformeerde lijn m.b.t. de ambten ondubbelzinnig voorstaan.

Vrouw op de kansel

 

Er werd een emotioneel geladen beroep op de synode gedaan om vrouwen toegang tot de kansels te verlenen om te preken c.q. een stichtelijk woord te spreken. Net als het preekconsent dat aan andere niet-ambtsdragers werd verleend in de GKv.

Echter via de achterdeur van onontvankelijk verklaring werd het voorstel geloosd. Dat was niet fraai, om het maar even zachtjes te zeggen want het voorstel stond al weken op de agenda en het moderamen had na enige aarzeling het wel ontvankelijk verklaard.

Maar het was duidelijk dat de synode niet de moed had er een positief besluit over te nemen. Want dat zou in de kerken een heel verkeerd signaal met het kaliber van een bom zijn geweest, vreesde men. Maar afvoeren via dit putje was naar onze mening wel een beetje kerkpolitiek.

 

Het is ook jammer dat het zo liep omdat de synode juist had kunnen laten zien dat de vrouw principieel niet op de kansel hoort, in elk geval niet zolang als het studiedeputaatschap daarvoor nog geen overtuigende argumenten uit de Schrift kan aandragen. Nu blijft ook dit punt weer in de lucht zweven. En het is daar al zo vol.

 

De proef op de som

 

Is dit allemaal toch niet wat te zwaar aangezet door ons? Is het niet mogelijk te denken dat de synode toch echt vasthoudt aan de gereformeerde lijn van eeuwen? En dat de ambten in de praktijk pás opengesteld zullen worden wanneer er uit een diepgravende studie van de Schrift een positief antwoord zou kunnen worden gevonden? En dat de gemeenten die hierop vooruitgegrepen hebben haastvoets teruggeroepen zullen worden en opgeroepen zich te bekeren van hun onschriftuurlijk en onbroederlijk handelen? Kortom, getuigt onze bovenstaande impressie niet van een te sombere hermeneutiek van de uitkomst van de synodebesprekingen en -besluiten?

 

We hebben een eenvoudig en doeltreffend middel om dit te checken, een testcase. De MV discussie en besluiten werden met opzet gepland voorafgaand aan die andere discussie, namelijk die over de eenwording met de Nederlands Gereformeerde Kerken. Dat zijn kerken waarin vrouwen in alle ambten zijn toegelaten en waar dat op geen enkele wijze meer ter discussie staat. De bespreking over die eenwording met deze kerken staat gepland voor a.s. zaterdag.

Welnu, daar en dan zal het ultieme bewijs worden geleverd hoe we bovenstaande MV besluitenreeks hebben te interpreteren. Of wij als kerken principieel overstag zijn gegaan in deze kwestie, of niet. Dat is, naar onze overtuiging het geval

 

als de weg naar eenwording met de Nederland Gereformeerde Kerken wordt ingeslagen, en de vrouw in alle ambten daar geen belemmering meer vormt voor eenwording met de GKv.

 

Het maakt ons daarbij niet uit om welke vorm van eenheid het gaat: samensmelting, federatie of groeimodel, het is lood om oud ijzer, het gaat om de principiële stap naar eenheid met een kerkgemeenschap met vrouwen in alle ambten.

Kortom, besluit de synode tot vereniging met de NGK dan betekent dat dat onze kerken de facto de vrouw in het ambt aanvaarden.

 

Nog eens deputatenbesluit 2

 

Maar heeft de synode eigenlijk al niet besloten dat de zaak van de vrouw in het ambt nog steeds een belemmering voor verdere eenheid met de NGK vormt? Immers, het deputatenvoorstel 2 werd in zijn geheel met overweldigende meerderheid verworpen. Ook het besluitdeel 2b:

 

b. het al dan niet functioneren van vrouwen als ambtsdrager mag voor de GKv geen belemmering vormen in de kerkelijke contacten met de CGK en de NGK en evenmin bij gemeentestichtingsprojecten.

 

In het tegenvoorstel besluit 2 VdSchee was ook zoiets opgenomen:

 

2c. dat andere kerken en medechristenen niet beoordeeld mogen worden op het bij hen functioneren van vrouwelijke ambtsdragers als zodanig.

Grond[c] Het gewicht dat moet worden gegeven aan het functioneren van vrouwen in ambtelijke functies in andere kerken of in nieuw gestichte gemeenten, wordt bepaald door de manier waarop die dienst in een bijbels-gereformeerde identiteit is verankerd en wordt verantwoord.

 

Maar de synode besloot het besluit 2 Kruse aan te nemen waarin zo'n uitspraak niet voorkomt i.p.v. dat van Van der Schee! En ook in de andere besluiten komt zo'n bepaling niet voor. Dus op basis van deze besluitenreeks kunnen de NGK niet worden verwelkomd.

Het punt is overigens nog wel even aan de orde geweest. Prof. Te Velde merkte op (in de ronde 5) dat het onderdeel in Van der Schees voorstel 'mogelijk een grotere werking kan krijgen dan je wilt'. Hij verwees daarom liever naar art. E70.1 van de Herziene Kerkorde:

 

De kerken onderhouden naar vermogen oecumenische betrekkingen met kerken van gereformeerde belijdenis in het buitenland, gericht op geestelijke ontmoeting, bemoediging en hulp. Zij respecteren daarbij de eigen historie en context van elke kerk. 

 

Maar het lijkt ons dat deze verwijzing niet ter zake is, in deze zin dat op basis van E70.1 de ambtelijke praktijk in de NGK zou moeten worden 'gerespecteerd'. Immers, formeel gaat het hier niet om buitenlandse kerken. En dit artikel gaat ook niet over vereniging van kerken maar om het onderhouden van contacten.

Maar wat beslissend is, lijkt ons, dat je met een kerkorde in de hand geen principiële discussies van over de leer van de ambten en de betekenis daarvan in de praktijk beslist. Daar zullen andere overwegingen en argumenten vanuit de Schrift aan ten grondslag moeten liggen.

 

We zullen zien!

 

 

 

 

 

 

 

 



[1] Degenen die hoop putten uit het feit dat in het verslag staat dat de deputaten toch naar hun oorspronkelijke voorstel (dus met verwijzingen naar het rapport) teruggingen moeten we teleurstellen: oorspronkelijk betekent hier de versie aan het begin van de bespreking, zie de behandelversie van de griffier in Bijlage 2. Er is dus gestemd over het deputatenbesluit zonder de verwijzingen.